Werkzaamheden, spoor, Den Bosch, foto: Stefan Verkerk

Langere hersteltijd spoor door strengere regels baanwerkers

De tijd die in 2013 nodig was om storingen op het spoor te herstellen is flink toegenomen ten opzichte van het jaar daarvoor. De totale tijd die werd gebruikt voor het herstel van storingen kwam eind 2013 uit op 11.843 uur tegenover 4.688 uur in 2012. Dat is ruim een verdubbeling. Dat komt onder meer doordat herstelwerkzaamheden vaker naar de nacht worden verplaatst om de hinder voor reizigers te beperken. Ook hadden strengere veiligheidsregels voor baanwerkers en een verandering in de administratie van de hersteltijden een negatieve impact op de cijfers. Dat staat in het jaarverslag 2013 van ProRail.

Woordvoerder Huub Veeneman van ProRail: “De functiehersteltijd voor storingen betekent letterlijk het moment van dat een storing wordt gemeld tot het moment dat de storing is verholpen. Het komt wel eens voor dat de verkeersleiding besluit om herstelwerkzaamheden van een een relatief kleine storing naar de nacht te verplaatsen. Dat wordt dan bijvoorbeeld gedaan om het treinverkeer tijdens de spits te ontlasten. Maar dit betekent wel dat de totale functiehersteltijd een stuk langer wordt.”

Veiligheidsregels

Strengere veiligheidsregels die sinds december 2013 voor baanwerkers gelden, hebben ook een negatief effect op de totale functiehersteltijd. Zo heeft de spoorsector afgesproken dat tijdens herstelwerkzaamheden aan het spoor beide parallelsporen worden gesloten. “Dit heeft een groter impact op het treinverkeer en dus ook de functiehersteltijd”, aldus Veeneman.

Daarnaast dienen baanwerkers ook een veilige oversteek te hebben tijdens werkzaamheden. “Dat betekent dat soms meer dan twee sporen buitendienst dienen te worden gesteld tijdens werkzaamheden. De baanwerkers dienen een vrij pad te hebben om te lopen om bijvoorbeeld spullen aan te leveren. Voorheen werd er met de verkeersleiding gebeld om te checken of een baanwerker kon oversteken”, legt de woordvoerder uit.

Functiehersteltijden

Directeur Lex van der Poel van Dual Inventive denkt dat de Zelfsignalerende Kortsluit Lans 3000 Remote Control (ZKL 3000 RC) uitkomst kan bieden voor de functiehersteltijden. Dit systeem isoleert in korte tijd een gedeelte van het spoor zodat er veilig kan worden gewerkt. “De veiligheidsmaatregelen hoeven alléén geactiveerd moeten worden en niet meer geïnstalleerd. Kortom langdurige kostbare voorbereidingen bij herstelwerkzaamheden zijn passé. Daarbij kan de capaciteit van het spoor beter worden benut.”

De ZKL 3000 RC is mobiel en ligt semi-permanent in het spoor en kan met een druk op de knop worden in- of uitgeschakeld. Nu komt het nog vaak voor dat een werkplekbeveiliger het spoor in moet gaan tijdens een storing om het spoor te isoleren met een kortsluitlans. Dit kost tijd en is minder veilig dan het systeem waarmee de apparatuur op afstand wordt geactiveerd.

Spoorgoederenvervoer

In het jaarverslag van ProRail staat verder dat voor het spoorgoederenvervoer met een punctualiteit van 79,6 procent de norm voor 2013 (81 procent) niet is gehaald. De prestaties bleven achter bij de 81,4 procent in 2012.

De oorzaken van de slechtere punctualiteit bij het spoorgoederenvervoer zijn onder meer seizoenseffecten, zoals een lange winter en gladde sporen in de herfst, en grote werkzaamheden met omleidingsroutes als gevolg. Ook hadden vertraagde reizigerstreinen tussen Rotterdam en Roosendaal en over de Brabantroute een negatief effect op de cijfers.

Reizigersvervoer

De punctualiteit op het hoofdrailnet bedroeg in 2013 87,4 en komt daarmee net boven de doelstelling van 87 procent uit. De punctualiteit op de regionale lijnen voldeed met 92,5 procent niet aan de eisen (93,1 procent) van het ministerie maar is wel licht verbetert ten opzichte van 2012. Het ministerie eistte dat de gemiddelde punctualiteit voor het reizigersvervoer in 2013 op 87 procent diende uit te komen. Dat is gelukt met een gemiddelde punctualiteit van 87,9 procent.

Het ministerie heeft ProRail een voorwaardelijke boete opgelegd van 1,5 miljoen euro vanwege de tegenvallende prestaties bij het spoorgoederenvervoer en op de regionale spoorlijnen.

STS-passages

Het aantal keren dat een trein door een rood sein reed, is van 155 in 2012 naar 152 in 2013 gedaald. Het gaat hierbij om het spoornetwerk dat door ProRail wordt beheerd. Het aantal STS-passages op bijvoorbeeld de Betuweroute worden hier niet in meegeteld, omdat die spoorlijn door Keyrail wordt beheerd. De Inspectie Leefomgeving en Transport neemt het totale Nederlandse spoor mee in haar rapportages.

In 2013 bereikten 39 treinen een gevaarlijk punt doordat ze door rood reden, in 2012 was dat nog 60 keer het geval. Maatregelen die het risico verminderen dat treinen een gevaarpunt bereiken hebben volgens ProRail gezorgd voor de afname.

Vakmanschap

ProRail is met diverse spoorbedrijven gaan samenwerken in het traject ‘Treinbeveiliging op Peil met Procesveiligheid’ (ToPP). Dit initiatief heeft als doel om op een open manier ervaringen te delen tussen marktpartijen en de spoorbeheerder. Hiermee hopen de partijen het vertrouwen te verhogen en belemmeringen weg te halen zodat het persoonlijk vakmanschap van van spoormedewerkers leidend wordt.

Het aantal aanrijdingen op het spoor is afgenomen en het aantal dodelijke ongevallen is gelijk gebleven in 2013. In 2013 waren er 36 aanrijdingen op overwegen ten opzichte van 38 in 2012. Daarbij waren er 14 dodelijke ongelukken. In 2013 vonden er 198 zelfdodingen plaats. In 2012 kwam dat nog 203 keer voor. In 2013 waren er geen aanrijdingen met personeel en geen elektrocuties.

Bezuinigingen

ProRail heeft van het ministerie de opdracht gekregen om in 2018 48 miljoen euro te bezuinigen. De spoorbeheerder heeft een deel van deze bezuinigingen al in 2013 doorgevoerd. Om het overige deel te realiseren zullen er tot en met 2016 zeshonderd arbeidsplaatsen verloren gaan.

Marieke van Gompel

Lees ook:

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is redacteur van SpoorPro en algemeen hoofdredacteur van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.