Station Rotterdam Centraal tijdens de coronacrisis

OV-NL: meer thuiswerken is goede ontwikkeling voor spreiding OV

Nederlanders willen ook na de coronacrisis meer blijven thuiswerken. Werkenden verwachten gemiddeld acht uur per week thuis te werken als de kantoren weer opengaan, blijkt uit onderzoek van het Centraal Planbureau (CPB). Als ze het aantal uren zelf zouden mogen kiezen, zou het gemiddeld om negen uur per week gaan. Volgens voorzitter Pedro Peters van OV-NL helpt dit in de toekomst om het OV beter te spreiden.

Volgens het CPB werd er voor de coronacrisis gemiddeld 3,9 uur per week thuisgewerkt. Als werknemers een deel van de tijd kunnen thuiswerken, dan werken ze productiever, volgens het CPB. Daarom zou het volgens het planbureau ook voor werkgevers een goede oplossing kunnen zijn. Er moet wel aan bepaalde voorwaarden worden voldaan, zoals een goede werkplek. Het CPB vroeg een panel van bijna 3000 mensen naar hun verwachtingen en ervaringen. Een doorlopend reizigersonderzoek van NS en TU Delft wees eerder al in eenzelfde richting. Daaruit blijkt dat na de coronacrisis één op de zes reizigers denkt minder met de trein te reizen.

Thuiswerken

Voorzitter Pedro Peters van OV-NL gaf eerder in de nieuwsuitzending van SpoorProTV aan dat het thuiswerken na de coronacrisis voor een deel zal blijven. “Ik denk dat iedereen heeft gemerkt dat dat best goed gaat. Ik kan me voorstellen dat mensen die fulltime werken één of twee dagen per week voortaan thuis zullen werken, ook op de langere termijn. Dat betekent dat ze niet met de auto, trein of  bus naar hun werk gaan. Daardoor zullen er minder mensen terugkomen naar het OV.”

Volgens hem is dat een goede ontwikkeling, omdat er na de coronacrisis een flinke reizigersgroei aan komt. “Als we het aantal reizigers kunnen spreiden, zodat niet iedereen meer de ochtendspits induikt is dat een goede ontwikkeling. Onder normale omstandigheden rijden we in de ochtendspits met extra treinen en bussen die stampvol zitten en daarna is het weer heel rustig.”

Spits mijden

De vervoerders zijn al jaren in gesprek met bedrijven en scholen om te kijken of de spits niet beter kan worden gemeden. Vanwege de coronacrisis is dit volgens hem in een stroomversnelling gekomen. “De capaciteit van de metro’s, trein en bussen is nu afgestemd op de spitsen. Na de spits reizen een heleboel bussen weer terug naar de remise die staan te wachten op de middagspits. Dat is enorm duur. Dus als we het meer kunnen spreiden en kunnen doen met minder treinen, minder bussen en minder trams, dan zou dan een positieve ontwikkeling zijn.”

“Ik kan me ook voorstellen dat grote hoorcolleges met honderden studenten voortaan altijd digitaal kunnen worden gegeven. Dat zou ook betekenen dat er minder gereisd zou worden door studenten. Dit lijkt me geen enkel probleem, want er komen enorme uitdagingen aan voor het OV, deze blijven hetzelfde. Er gaan honderdduizenden huizen gebouwd worden, omdat de bevolking sneller groeit dan verwacht.” De voorzitter verwacht dat dit soort ontwikkelingen elkaar gaan compenseren.

Verschil in vakgebieden

Uit het onderzoek van het CPB blijkt dat in bepaalde sectoren de verwachting om meer thuis te kunnen werken een stuk hoger ligt dan in andere vakgebieden. Mensen met een baan bij de overheid of binnen de financiële dienstverlening denken vaker thuis te kunnen werken, maar voor bijvoorbeeld de zorg of het onderwijs is dit een stuk lastiger.

Tijdens de twee lockdowns werd een stuk meer thuisgewerkt dan daarvoor en in de zomermaanden. Zeker vanaf december nam het aantal thuiswerkers weer flink toe. De regering deed regelmatig oproepen om thuis te werken indien mogelijk om zo de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan.

Bekijk hier het interview met voorzitter Pedro Peters van OV-NL terug:

Lees ook:

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is redacteur van SpoorPro en algemeen hoofdredacteur van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.