Eind volgend jaar 30 minuten tijdswinst op traject Amsterdam-Berlijn

2016, Wikimedia Commons/Jan Derk Remmers

Het gaat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, ProRail, NS en hun Duitse tegenhangers ondanks tegenslagen alsnog lukken om de reistijd van de Intercity Berlijn met 30 minuten te verkorten, zo laat de spoorbeheerder weten.

De verkorte reistijd wordt gerealiseerd in de dienstregeling van 2024, die op 10 december 2023 in gaat. Voor het versnelling van de treinverbinding tussen Amsterdam en Berlijn zijn “grootschalige aanpassingen” aan de bestaande infrastructuur. Die zijn weliswaar niet tijdig gereed, maar dankzij gefaseerde maatregelen is het de partijen toch gelukt om eind volgend jaar de reistijd terug te brengen naar 5 uur 50 minuten.

Extra perron, nieuw spoor, multicourante locomotieven

Zo wordt op station Oldenzaal een tijdelijk extra perron aangelegd en een nieuw stuk spoor gerealiseerd. Dit stelt de regionale trein in staat om te keren, terwijl de IC Berlijn door kan stomen richting Duitse grens. De bouwwerkzaamheden in Oldenzaal starten in het najaar van 2023.

Daarnaast gaat NS International zogeheten multicourante locomotieven huren, die zowel met de bestaande rijtuigen kunnen rijden als ook met de geplande nieuwe rijtuigen. De eigenlijke treinen, de nieuwe ICE-L van Deutsche Bahn, zijn namelijk niet op tijd inzetbaar. Deze treinen, bestaande uit locomotieven en rijtuigen kunnen op zowel op het Nederlandse (1500V) als Duitse (15000V) voltage rijden. Aanstaande woensdag is de presentatie van de eerste rijtuigen.

Snelheidsbeperking tussen Amsterdam en Deventer

De inzet van deze multicourante locomotieven is niet zonder uitdaging, schrijft ProRail. Deze exemplaren zijn namelijk vrij zwaar en voor sommige delen van het traject Amsterdam-Berlijn zelfs te zwaar voor de bodem. Tussen Amsterdam en Deventer geldt daarom straks een snelheidsbeperking van 100 kilometer per uur in plaats van de baanvaksnelheid van 130 kilometer per uur.

Voorbij Deventer gaat de snelheid omhoog. ProRail zal daar tot aan de Nederlands-Duitse grens bij Oldenzaal de integriteit van de spoorbaan en ondergrond extra in de gaten houden als onderdeel van een proef. De spoorbeheerder zal daarbij vooral letten op de gaten in de grondlagen en de waterspanning in de ondergrond. Indien nodig worden “passende maatregelen” genomen. De monitoringsproef is van tijdelijke aard, maar ProRail doet ondertussen onderzoek naar meer structurele, toekomstbestendige maatregelen.

Lees ook:

U las zojuist één van de gratis premium artikelen.

Wilt u onbeperkt lezen? Sluit nu een actie abonnement af en 

krijg onbeperkt toegang tot vakinformatie over de spoormarkt.

start actie abonnement

Auteur: Nick Augusteijn

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.