Zweedse ballastzuiger Railvac

TNO start tweede deel onderzoek kwartsstof in spoorballast

TNO is zaterdag in Zutphen gestart met een nieuw onderzoek naar de hoeveelheid kwartsstof die vrijkomt bij ballastwerkzaamheden. Het onderzoeksinstituut doet deze zomer in opdracht van ProRail onderzoek bij verschillende projecten. Naast stofmetingen worden er ook blootstellingsmetingen bij spoorwerkers gedaan. De uitkomsten leiden mogelijk tot nieuwe arbo-maatregelen en voorschriften over steensoorten die gebruikt mogen worden bij spoorwerk.

Dit onderzoek is een voortzetting van het onderzoek dat TNO in de zomer van 2020 begon. De spoorbeheerder wil zo te weten komen hoeveel en welk soort stof er van diverse stenen afkomt. Naast stofmetingen worden dit keer ook blootstellingsmetingen bij de spoorwerkers uitgevoerd. Ook meet TNO het effect van bepaalde arbomaatregelen die stofvorming tegengaan door ze tijdelijk gecontroleerd achterwege te laten. Ballast wordt dan niet natgehouden zoals gebruikelijk, maar droog verwerkt.

Hoeveelheid kwarts

De resultaten van de onderzoeken worden gebruikt om de bestaande arbo-maatregelen te evalueren en eventueel nieuwe maatregelen te nemen. Verder wil ProRail aan de hand van de resultaten beoordelen welke extra eisen gesteld moeten worden aan de ballaststeen voor gebruik in het Nederlandse spoor. Bijvoorbeeld aan de hoeveelheid kwarts die een steen mag bevatten of hoeveel stof er bij verwerking mag vrijkomen.

TNO onderzoekt de stofproductie bij verschillende type werkzaamheden, zoals met de kettinghor, het lossen van ballast uit wagons en ballastprofileren. De metingen worden uitgevoerd tijdens normale werkzaamheden en zullen iedere keer enkele uren duren.

Uitsluiten steensoorten

De resultaten van de eerste onderzoeken die TNO deed in de zomer van 2020 leidden ertoe dat ProRail voorlopig drie soorten ballaststeen uitsluit voor het gebruik in het Nederlandse spoor. De resultaten van het tweede onderzoek worden aan het einde van deze zomer verwacht. Op basis van de uitkomsten wil de spoorbeheerder besluiten nemen over welke stenen aannemers mogen kopen om in het Nederlandse spoor te verwerken.

“We weten dan alles over hoeveel stof er per steensoort vrijkomt en wat de relatie is tussen de hoeveelheid kwarts in een steen en de stofproductie. Dit helpt de spoorsector ook met het eventueel aanscherpen van de arbo-regels voor het werken met ballast.”

Lees ook:

U las zojuist één van de gratis premium artikelen.

Wilt u onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af en 

krijg onbeperkt toegang tot vakinformatie over de spoormarkt.

1 maand gratis proefabonnement

Auteur: Paul van den Bogaard

Paul van den Bogaard is redacteur van SpoorPro.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.