Europees Parlement, Straatsburg

Europees Parlement: Nederlandse spoor niet opknippen

Het Nederlandse spoor wordt niet in verschillende delen opgeknipt. Dat heeft het Europees Parlement woensdag besloten. Het Parlement steunt daarmee het voorstel dat was ingediend door Corien Wortmann van het CDA. “Wij vinden dat het hoofdrailnet bij elkaar moet blijven. De complexiteit van het spoornetwerk is nergens in Europa zo groot als in Nederland. Het opknippen van het spoor zal dit alleen maar erger maken”, zo verklaarde Wortmann in Straatsburg tegenover SpoorPro.

Het voorstel tot het opknippen van het spoor is onderdeel van een pakket hervormingsvoorstellen voor het Europese spoornet, ook wel Vierde Spoorpakket genoemd. Het parlement wilde aanvankelijk het hoofdrailnet beperken tot maximaal 65 procent van het nationale spoor. Het aangenomen voorstel van de christendemocratische fractie in het Europees Parlement heeft nu voorkomen dat het spoor wordt opgeknipt in verschillende delen. Het hoofdrailnet maakt nu 80 procent uit van het Nederlandse spoor.

Philippe de Backer van Open VLD zei voorafgaand aan de stemming het juist wél nodig te vinden de spoornetwerken op te knippen omdat op deze manier voor ”elk land dezelfde voorwaarden geldt”. Dit zal volgens de liberaal niet voor extra overstappen zorgen. ”We kunnen het spoor opdelen in de verbindingen tussen grote steden, de internationale lijnen en de regionale lijnen. Het opknippen kan op basis van treinkilometers worden gedaan in de plaats van een geografische splitsing te maken.”

Scheiding

Verder stemde het Europees Parlement tegen de gedwongen scheiding tussen de infrastructuurbeheerders en spoorwegmaatschappijen. Wortmann: “Voor Nederland verandert er niets, maar het is een gemiste kans voor landen zoals Duitsland. In Duitsland worden nu treinen van Deutsche Bahn direct en indirect bevoordeeld. Dit is slecht nieuws voor de Nederlandse spoorgoederenvervoerders”, aldus Wortmann. Volgens de Europarlementariër zorgt dit voor oneerlijke concurrentie en schaadt het de Nederlandse export. “Sommige barrières blijven op deze manier bestaan voor het spoorgoederenvervoer vanuit de Nederlandse havens naar Duitsland”, zo stelt de CDA’er.

Ook De Backer vindt dat het spoorbeheer en het spoorvervoer strikt gescheiden moet worden. ”Omdat onder meer Duitsland en Frankrijk tegen waren is er een compromisvoorstel gemaakt. De verwevenheid mag blijven, maar onder strikte voorwaarden. Zo moet het duidelijk zijn hoe de financiële stromen gaan. Verder moet er een scheiding zijn tussen de raden van bestuur en de werknemers. Het kan niet zo zijn dat een werknemer zowel voor de spoorbeheerder als voor de spoorvervoerder werkt.”

Aanbesteding

Het Europees Parlement wil, anders dan de Europese Commissie, de EU-lidstaten niet verplicht stellen om het reizigersvervoer per spoor aan te besteden. Het Parlement wil dat het mogelijk blijft om onder bepaalde voorwaarden het spoorvervoer onderhands te gunnen aan een nationale spoorwegmaatschappij. Als er aan het einde van de contractperiode niet is voldaan aan de efficiencycriteria, dan kan de spoorconcessie openbaar worden aanbesteed.

Wortmann: ”De aansturing van de NS in Nederland gebeurt nu al op basis van efficiency, dus er verandert voor Nederland weinig. Er vindt op dit moment al een verzakelijking van de relatie tussen het ministerie van Infrastructuur en Milieu plaats en de NS. Dat is bijvoorbeeld te zien aan de boetes die het ministerie aan NS heeft gegeven voor slechte prestaties. Ik vind het terecht dat de Tweede Kamer er bovenop zit, want het kan beter.”

Liberalisering

Philippe de Backer van Open VLD gaf voorafgaand aan de stemming aan voor volledige liberalisering van het spoor te zijn. ”Wij willen de markt voor het binnenlands spoorvervoer volledig openstellen. Helaas hebben de twee grootste ideologische fracties van het Europees Parlement hier een compromis over gesloten omdat er weerstand tegen was. Er komt een overgangsperiode waarin lidstaten het spoorvervoer onderhands mogen blijven gunnen aan een nationaal spoorbedrijf voor een bepaalde periode.”

”In België en Nederland presteren de NS en NMBS niet goed. Er valt één sneeuwvlok en het spoor functioneert niet meer. Ze rijden met oud materieel. Vervoerders als Veolia en Arriva doen het in Nederland wel goed. Ze presteren goed op het gebied van punctualiteit en ze rijden met nieuw materieel”, aldus Backer.

Interoperabiliteit

Verder zijn er diverse maatregelen goedgekeurd die de huidige wetgeving voor het spoorvervoer binnen de Europese Unie verbeteren. Zo zijn er maatregelen aangenomen die zorgen dat het spoorvervoer veiliger wordt en dat er meer interoperabiliteit is. Spoorbedrijven hoeven niet meer in elk EU-land apart een veiligheidscertificaat en toegang aan te vragen. Dat gebeurt straks door één Europees Spooragentschap die zorgt dat de toelating van rollend materieel en vergunningen aan vervoerders goedkoper en sneller verloopt.

Dit is veel efficiënter en zal hopelijk een einde maken aan de dagenlange vertragingen van goederentreinen bij de grens wegens het ontbreken van de juiste certificaten. KNV Spoorgoederenvervoer zegt in een reactie op het Vierde Spoorpakket dat er haast gemaakt moet worden ten aanzien van de interoperabiliteit, een van de technische pijlers van de spoorplannen. “Met een snelle harmonisering van regels en technische normen kunnen cruciale tijds- en kostenbesparingen kunnen worden behaald, die het spoorgoederenvervoer in Nederland weer concurrerend maken”, aldus de werkgeversvereniging.

Stemming

De PVV is helemaal niet blij met de uitkomsten van de stemming van het Europees Parlement. Patricia van der Kammen van de PVV: ”Wij vinden dat Brussel zich niet moet bemoeien met het Nederlandse spoor. Ieder land pakt het anders aan. Er is geen enkele trend in te ontdekken. Ik vind de opdringing van marktliberalisering door Brussel absurd.”

“Lidstaten moeten zelf kunnen beslissen over veiligheidscertificaten, wel of niet splitsen, wel of niet aanbesteden van het spoor. Nederland moet daar eigen beslissingen over kunnen nemen. Wel kan ik me voorstellen dat landen dit in samenwerking regelen, maar dat kan dan op eigen initiatief”, meent Van der Kammen.

Onderhandeling

Nu het Europees Parlement een standpunt heeft ingenomen over het Vierde Spoorpakket, kan zij gaan onderhandelen met de Europese Raad. In mei vinden er verkiezingen plaats waarbij een nieuw Europees Parlement wordt gekozen. De politieke positie van het Parlement over het Vierde Spoorpakket is echter al met deze stemming bepaald.

De Europese Raad van transportministers moet zich nog uitspreken over het Vierde Spoorpakket. Dat gebeurt op zijn vroegst in juni. Naar verwachting zullen de onderhandelingen pas in start gaan. Volgens het Parlement kunnen de spoornetten vanaf 2022 openbaar worden aanbesteed. Buitenlandse vervoerders kunnen dan al vanaf 2020 een aanvraag indienen om op het net actief te zijn.

Marieke van Gompel

Lees ook:

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is redacteur van SpoorPro en algemeen hoofdredacteur van ProMedia Group.

2 reacties op “Europees Parlement: Nederlandse spoor niet opknippen”

Henk-Jan Wormgoor|27.02.14|11:44

Goederenvervoer moet op extra beveiigd, trillings- en geluidarm spoor. Internationaal goederenvervoer op RailFreightCorridors zoals Betuwelijn, RFC1 en RFC8.
Goederenvervoer moet zijn eigen onderhoud betalen en niet het personenvervoer en de omwonenden en de treinreizigers de enorme schades en verstoringen geven en hun de rekening presenteren.
Geen goederenvervoer op het vaak 2e of 3e rangs onderhouden regionaal spoor.
Deugdelijke jaarlijkse APK voor treinen en spoor!

Paul Lamote|28.02.14|13:59

@Henk-Jan Wormgoor
waar slaat dit commentaar op?

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.