Storm, NS, verstoring

Kwart minder grote storingen op het spoor in eerste helft 2019

In de eerste zes maanden van dit jaar zijn er in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar 25 procent minder grote storingen op het spoor geweest. Daarnaast waren deze storingen gemiddeld 15 minuten eerder verholpen dan in 2018. Dat meldt ProRail op basis van de cijfers in zijn eigen prestatiedashboard. 

ProRail noteerde in totaal 208 storingen met veel of zeer veel hinder tegenover 326 storingen in de eerste helft van 2018. Hierbij gaat het om vertragingen tussen de 680 en 2.400 minuten. In 72 gevallen was de storing aan de infrastructuur van technische aard, 34 keer liepen de processen vast, 85 keer werd de storing veroorzaakt door derden en 27 keer zorgde het weer voor een storing.

Ondanks een licht gestegen aantal uitgevallen treinen, 2,7 procent viel uit tegenover 2,4 procent in 2018, bleef de reizigerspunctualiteit met 92,9 procent nagenoeg gelijk aan die in de eerste zes maanden van vorig jaar (92,6 procent). In de reizigerspunctualiteit zijn ook de uitval van treinen, de gehaalde overstappen en aantallen reizigers per trein meegenomen.

Vaak te laat in Venlo

Wanneer alleen gekeken wordt naar het percentage reizigerstreinen dat op de aangegeven tijd aankwam, dus zonder de uitgevallen treinen, dan blijkt dit bij 92,4 procent van de treinen zo te zijn. Een verbetering van een procentpunt ten opzichte van vorig jaar. Station Kampen voert de ranglijst aan omdat 99 procent van de treinen die er arriveerden dit ook op de vooraf aangegeven tijd deden. De Kamperlijn, waar dit station deel van uitmaakt, is al jaren onderwerp van discussie. Het tussen Kampen en Zwolle gelegen station Stadshagen kan niet aangedaan worden omdat dit de reizigerspunctualiteit zou aantasten. Bekijk het volledige overzicht op het ProRail Prestatiedashboard.

Ook in Sneek (98,8 procent), Nieuwenschans (98,6%) en Alphen aan de Rijn (98,4 procent) reden de treinen nagenoeg altijd op tijd het station binnen. Venlo staat onderaan de lijst met gemeten stations. Het Limburgse station heeft een treinpunctualiteit van 84,7 procent. Vorig jaar was dit nog 86,3 procent. Ook de stations Breda en Rotterdam Centraal zien relatief vaak treinen met vertraging binnenkomen, met respectievelijk 86,1 procent en 87,6 procent treinpunctualiteit.

Transitotijd

Bij de goederentreinen zijn de cijfers minder rooskleurig. De treinpunctualiteit bedraagt hier 77,8 procent tegenover 77,3 procent in de eerste helft van 2018.  De transitotijd, de tijdsduur tussen het begin en einde van het Nederlandse deel van een goederentreinrit, was in 3,5 procent van de gevallen tenminste 30 minuten langer dan gepland. Vorig jaar was dat 3,6 procent. De transitotijd goederen wordt gemeten op de twee grootste goederencorridors van Nederland: de Brabantroute en Zee-Zevenaar inclusief de Betuweroute.

Lees ook:

Auteur: Paul van den Bogaard

Paul van den Bogaard is redacteur van SpoorPro.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.