Metro De Lijn

‘Betere prestatie metro’s Antwerpen door nieuw besturingssysteem’

In Antwerpen is bij het ondergrondse kruispunt van drie metrolijnen in het centrum van de stad eind vorig jaar het verouderde besturingssysteem voor het spoor vervangen door het SIL 4-compatibele automatiseringssysteem PSS 4000. De installatie gebeurde zonder dat daarvoor ingrepen in de bestaande elektrotechnische omgeving nodig waren. Volgens Pilz heeft de vervanging van het besturingssysteem ervoor gezorgd dat de betrouwbaarheid van het metrovervoer rondom het Centraal Station van Antwerpen is toegenomen.

Onder het stadscentrum van Antwerpen komen op de zogenaamde ‘driehoek’ bij de stations Astrid, Opera en Diamant drie metrolijnen bij elkaar. Daarbij gaan bij elk van de drie stations telkens twee sporen over in één spoorlijn. Besturings- en bewakingssystemen zorgen er onder meer voor dat er steeds maar één trein het station kan binnenrijden.

Storingen operatie metroverkeer

In de afgelopen jaren traden er telkens weer operationele storingen op. “De printplaten met hun elektromagnetische componenten zijn al ruim 35 jaar in gebruik en het wordt steeds moeilijker om aan de juiste vervangende onderdelen te komen. Daar komt ook nog bij dat veel werknemers die nog bekend zijn met deze technologie met pensioen gaan”, aldus Guido Maesschalck, ingenieur elektrotechniek bij vervoerder De Lijn.

De Lijn ging daarom op zoek naar een moderne, op software gebaseerde oplossing ter vervanging van de functionaliteit van de verouderde besturings- en bewakingstechniek. Een andere eis was dat de totale elektrotechnische infrastructuur rondom de wisselknooppunten en schakelkasten in eerste instantie ongemoeid gelaten moesten worden.

Aanbesteding

De modernisering moest modulegewijs en stap voor stap kunnen plaatsvinden en de definitieve omschakeling bij de drie knooppunten moest zich vervolgens binnen één nacht kunnen voltrekken. Uiteindelijk wilde men het openbaar vervoer niet maandenlang platleggen. De Lijn schreef voor het project een aanbesteding uit en via aanbevelingen vanuit de branche kwam de Duitse automatiseringsonderneming Pilz, die al sinds 1995 een vestiging in België heeft, in beeld. “Na een eerste referentieproject waren we ervan overtuigd dat Pilz een geschikte partner zou zijn voor de besturings- en veiligheidstechnische modernisering van de kwetsbare driehoek”, aldus Maesschalck.

Daarna stond Pilz voor de uitdaging om een projectscenario te ontwikkelen dat op deze specifieke casus was afgestemd. Toen de werkzaamheden van start gingen, waren er niet meer dan een paar oude elektrische schema’s en spoorschema’s beschikbaar. Pilz voerde op basis van de eisen een analyse van de hardware en software uit en ontwikkelde parallel daaraan een projectprocedure. Op basis van een verplichte routekaart werden deeldoelstellingen gedefinieerd, werden hardwaretools geselecteerd en werden de noodzakelijke softwaretoepassingen ontwikkeld.

Automatiseringssysteem

Centraal onderdeel van de nieuwe besturings- en veiligheidsoplossing is het automatiseringssysteem PSS 4000. Pilz heeft het automatiseringssysteem verder ontwikkeld voor de specifieke eisen die op het gebied van spoorwegverkeer gelden. Hiertoe behoren besturingsfuncties van machines in de spoorwegbouw en in tractievoertuigen alsmede besturings- en bewakingsfuncties in de seintechniek, zoals bijvoorbeeld voor signaalbewaking bij spoorwegovergangen, de beheer- en beveiligingstechniek of de koppeling van seinposten. Het automatiseringssysteem voldoet in de totale toepassing aan SIL 4.

Simpel gesteld moet het automatiseringssysteem van Pilz het metroverkeer veilig en efficiënt laten verlopen op de drie knooppunten. En dat moet betrouwbaarder en beter gebeuren dan met de bestaande techniek het geval was.

Het nieuwe automatiseringssysteem zorgt ervoor dat er op de spoorlijn waar de drie identieke sporen samenkomen telkens maar één trein het metrostation kan binnenrijden. Als er nog een trein op het station is, dan staan de seinen van beide sporen op rood. Als er twee treinen vrijwel gelijktijdig aankomen, dan beslist het automatiseringssysteem op basis van een vooraf geprogrammeerde modus welke trein voorrang krijgt.

Veilige afstand metro’s

PSS 4000 bestuurt en bewaakt niet alleen de stand van de wissels en de lichtseinen, maar ook de in de spoorbedding aangebrachte sensoren en detectoren. Deze zorgen voor een veilige, minimale afstand tussen twee metrovoertuigen. Als de afstand te klein dreigt te worden, dan zorgt het automatiseringssysteem ervoor dat de achteropkomende trein automatisch wordt afgeremd.

Afhankelijk van de situatie krijgt de machinist te zien hoe snel hij maximaal mag rijden. Als hij deze aanwijzing negeert, wordt ook in deze situatie de trein door het automatiseringssysteem afgeremd. Daarnaast detecteert PSS 4000 breuken in de bovenleiding, uitval of storingen van seinen, baanvak-sensoren en neemt het de nodige veiligheidsmaatregelen.

De totale elektronische omgeving, die bestaat uit sein-, beheer- en meldtechniek, en de onderlinge bekabeling van de schakelkasten is onaangetast gebleven. Het automatiseringssysteem PSS 4000 fungeert daarmee tevens als interface tussen de oude schakelkasten. De modulair opgebouwde techniek is gestandaardiseerd en er kunnen aanpassingen worden gemaakt om speciale taken uit te voeren.

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is redacteur van SpoorPro en algemeen hoofdredacteur van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.