Europees Parlement in Brussel

Beloftes Vierde Spoorpakket maar deels waargemaakt

Goedkopere treinkaartjes, betere service en kwaliteit, een Europees ticketing systeem, harmonisatie van regels en interoperabiliteit. Dit zou het pakket aan maatregelen in het Vierde Spoorpakket teweegbrengen, stelde de Europese Commissie in 2013 bij de publicatie van het wetsvoorstel. Nu, drie jaar na dato, wordt maar een deel van deze plannen daadwerkelijk in gang gezet. Het openen van de spoormarkt in de diverse lidstaten is in het aangepaste voorstel tot een minimum beperkt. Ook is het niet gelukt om een harde scheiding te realiseren tussen de infrastructuurbeheerder en de nationale spoorvervoerder.

De Transportcommissie van het Europees Parlement heeft maandag ingestemd met de politieke pijler van het Vierde Spoorpakket. Het Europees Parlement brengt volgende week haar definitieve stem hierover uit. Als het Parlement instemt met dit onderdeel, dan komt er een einde aan jarenlang politiek getouwtrek over dit controversiële deel van de nieuwe Europese spoorwetgeving. De technische pijler van het pakket, waar minder weerstand tegen was, werd eerder dit jaar al goedgekeurd.

Het ontbreken van politieke wil wordt als belangrijkste reden gezien van het maar ten delen uitvoeren van het politieke deel van de spoorplannen van de Europese Commissie. 

Diverse leden van het Europees Parlement, de Europese Commissie en stakeholders uit de spoorsector gaven dinsdag en woensdag in bij het Europees Parlement in Brussel hun visie over de totstandkoming van de Europese spoorwetgeving.

Technische pijler

Er zijn veel positieve geluiden te horen over de technische pijler van het pakket dat onder meer in voorziet dat spoorgoederenvervoerders hun internationale treinpaden bij één loket, de zogeheten one-stop-shop, kunnen aanvragen in plaats van bij alle lidstaten afzonderlijk. Dit wordt geregeld door de European Railway Agency (ERA) die er ook voor gaat zorgen dat de toelating van nieuw treinmaterieel sneller en eenvoudiger gebeurt. Daardoor zullen de administratieve kosten naar verwachting flink afnemen.

Over de politieke pijler heerst vooral teleurstelling. Volgens diverse Europarlementariërs en betrokken spoororganisaties heeft ‘het ontbreken van politieke wil’ ervoor gezorgd dat nationale overheden het verder openen van de spoormarkt hebben tegengehouden om de nationale spoorvervoerders te beschermen.

Het Nederlandse kabinet stemde, net als andere lidstaten, tegen het voorstel van de Europese Commissie om het Nederlandse spoor op te knippen en andere vervoerders de kans te geven om via openbare aanbestedingen in te schrijven op onder andere delen van het hoofdrailnet. Hoewel ook het aangepaste wetsvoorstel openbare aanbestedingen stimuleert, geven de vele uitzonderingen in de wetgeving Nederland ruimte om het hoofdrailnet onderhand te blijven gunnen aan NS. En zoals het er nu uitziet zal hier de komende decennia geen verandering in komen.

Chinese muren

Een ander voorstel in de politieke pijler voor een harde scheiding tussen de infrastructuurbeheerder en de nationale spoorvervoerder, zoals in Nederland het geval is, kon ook niet voldoende draagvlak binnen de lidstaten vinden. Nationale spoorwegmaatschappijen zoals Deutsche Bahn en SNCF mogen gezamenlijk onder één holding blijven vallen. Wel dienen zij een strikte juridische en financiële scheiding te realiseren, om bijvoorbeeld kruissubsidiëring te voorkomen.

“Wij maken ons zorgen over dat het de toename van spoorvervoer stagneert in Europa. Verregaande maatregelen zijn nodig om het tij te keren”, stelde Julia Lamb van de European Rail Freight Association (ERFA). “We steunen de technische pijler voor wat betreft de autorisatie van rollend materieel.”

“We zijn teleurgesteld over de uitkomst van de politieke pijler. Nationale spoorwegmaatschappijen hebben nog steeds voordelen ten opzichte van andere vervoerders. Het creëren van Chinese muren tussen de infrastructuurbeheerder en de spoorvervoerder is maar ten delen gelukt. Ook zijn we er niet in geslaagd om nationale spoorwegmaatschappijen tot financiële transparantie te dwingen.”

Autorisatie spoorwegmaterieel

Directeur Libor Lochman van de Community of European Railway and Infrastructure Companies (CER): “Het is goed dat de technische pijler het proces van de autorisatie van spoorwegmaterieel beter stroomlijnt. We zien echter nog niet dat dit de kosten verlaagt. De komende twee jaar moeten we voor een goede implementatie van het Vierde Spoorpakket zorgen en een kostenreductie realiseren.”

Matthew Baldwin, directeur van DG MOVE in de Europese Commissie stelde dat, hoewel de commissie niet voor elkaar heeft gekregen wat ze oorspronkelijk wilde, er wel belangrijke stappen zijn gemaakt in het creëren van één Europees spoorwegnet. “We zijn toegewijd om het Vierde Spoorpakket goed toe te passen. We blijven nadenken hoe we competitie verder mogelijk kunnen maken in deze sector.”

Autorisatie spoorwegmaterieel

Baldwin: “Je ziet dat de subsidies in landen waar marktwerking is toegepast met zeventig procent is afgenomen.” Volgens Baldwin zijn er zes landen die liberalisatie op het spoor hebben toegepast. Dat zijn het Verenigd Koninkrijk, Zweden, Tsjechië, Duitsland, Oostenrijk en Italië. Nederland valt volgens hem hier niet onder omdat NS het grootste deel van het Nederlandse spoornetwerk exploiteert.

Volgens Europarlementariër Michael Kramer van fractie De Groenen/Vrije Europese Alliantie wordt het spoor door de subsidies ‘kunstmatig duur’ gemaakt. Deze hoge kosten worden vervolgens verrekend met het treinkaartje. Dit is een slechte zaak, vindt Kramer.

 Het Europees Parlement debatteert maandag over het politieke deel van het Vierde Spoorpakket. Dinsdag vindt de stemming plaats.

Dossier Vierde Spoorpakket:

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is redacteur van SpoorPro en hoofdredacteur van de Bredase vestiging van ProMedia Group.

2 reacties op “Beloftes Vierde Spoorpakket maar deels waargemaakt”

Jaap de Groot|08.12.16|17:06

Als Duitsland en Frankrijk nu maar eindelijk een keer gaan luisteren (naar de boodschap die de EU al langere tijd als repeterende plaat deelt) komt alles goed? Ik vraag af naar welk voorbeeld er gekeken moet worden om de angsten weg te nemen? Engeland? Volgens mij is een treinreis daar niet goedkoop (of goedkoper) te noemen of zit ik er naast?
Daarnaast is het een visie van de EU maar het wordt steeds gebracht als een vast staand feit dat de treinreis goedkoper wordt en de service hoger.

Wiebe Goossen|09.12.16|01:26

Als Engeland als voorbeeld zou moeten dienen, dan is het failliet ervan reeds bij voorbaat aangetoond: absurd hoge tarieven en bereslechte dienstverlening!

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.