Spooronderhoud, werkzaamheden, Dura Vermeer

ProRail gaat intensiever samenwerken met Rijkswaterstaat

ProRail gaat intensiever samenwerken met Rijkswaterstaat zodat zij gezamenlijk weg- en spoorprojecten kunnen aanbesteden en uitvoeren. Dat betekent niet dat ProRail net als Rijkswaterstaat onder het ministerie van Infrastructuur en Milieu gaat vallen. Zowel het samenvoegen van ProRail en NS (in één organisatie of onder een nieuwe holding) als het verschuiven van ProRail naar het ministerie is van de baan. Dat staat in de Lange Termijn Spooragenda deel 2 dat vrijdagmiddag is gepubliceerd.

“Dit brengt een beter samenwerking tussen ProRail en de vervoerders niet dichterbij”, zo valt te lezen in de LTSA. “Een jarenlang reorganisatieproces is ongewenst en het is bovendien onzeker of dit tot betere prestaties leidt.”

ProRail en NS krijgen daarom juist een stevigere brug tussen hen in. “Daarmee worden de weeffouten van de al te strikte scheiding uit het verleden hersteld. Dit creëert de randvoorwaarden om de komende jaren, samen met de andere OV-partijen betere prestaties te leveren”, zo schrijft het ministerie in de spoorplannen. Mansveld stelt een investeringscommissie in die het ministerie gaat adviseren over grote investeringsprojecten op het spoor.

Cultuuromslag

De Lange Spoor Agenda moet leiden tot meer tevreden reizigers en spoorgoederenvervoerders en tot meer comfort, veiligheid en betrouwbaarheid. “Voordat de frequentie van treinritten en verbindingen omhoog kan, verbeteren we eerst de samenwerking, betrouwbaarheid en de veiligheid”, zo schrijft het ministerie. Mansveld: “Om de gestelde doelen doelen te bereiken is een cultuuromslag in de spoorsector nodig. Zodat alle bedrijven in het OV elke dag streven naar een 10 van en voor de reiziger.”

Het kabinet wil dat reizigers zo min mogelijk te maken krijgen met uitval van treinen, lange vertragingen, of ‘zwarte dagen’ zoals tijdens het winterweer in 2012. De invoering van het Europese beveiligingssysteem ERTMS moet de veiligheid op het spoor verder vergroten. Vanaf 2017 zal het aantal treinen per uur vervolgens worden uitgebreid, zodat reizigers zonder spoorboekje kunnen reizen. Als eerste gaan zes intercity’s per uur rijden tussen Amsterdam en Eindhoven en zes sprinters tussen Geldermalsen en Woerden.

Spoorgoederenvervoer

De kabinetsplannen voor het goederenvervoer worden vergezeld van het door de spoorsector zelf opgestelde ‘Aanvalsplan spoorgoederenvervoer’. Het ministerie erkent in de spoorplannen dat de concurrentiepositie van het spoorgoederenvervoer van en naar Nederland in de afgelopen jaren is teruggelopen. Op die ontwikkeling wordt de aanval ingezet. De belangrijkste strategie is het wegnemen van de  technische en administratieve belemmeringen die toegang tot het Nederlandse spoor duurder maken. Dat kan door het Nederlandse spoornet beter te integreren in dat van Europa, oftewel, door het stimuleren van Europese interoperabiliteit.

Over de tariefsverhoging van het spoorgoederenvervoer zei Mansveld tijdens de persconferentie dat zij vindt dat er tariefsdifferentie moet komen. “Daarbij zou ik kunnen denken aan spits- en daldifferentiatie en duurzaamheidscriteria. Ik denk dat het spoorgoederenvervoer daarmee aantrekkelijker gemaakt kan worden.”

Regionale spoorlijnen

De NS mag niet meedingen naar regionale vervoersconcessies op het spoor. Zij moet zich op haar kerntaak richten: het vervoer op het hoofdrailnet. Een uitzondering geldt voor spoorlijnen waar Intercity’s en stoptreinen samenlopen, zoals bijvoorbeeld in Limburg gebeurt.

De NS mag daarnaast geen belangen meer nemen in nieuwe vervoersbedrijven zonder goedkeuring van het ministerie van Financiën. Het spoorbedrijf nam vorig jaar een belang in busbedrijf Qbuzz (49 procent) en stadsvervoerder HTM (49 procent). Volgens Mansveld betekent dit niet dat NS haar belangen in deze bedrijven nu moet afstoten, maar zij benadrukt dat NS haar “publieke taak voor de reiziger” ten allen tijde moet bewaken.

Buitenlandse activiteiten

Dat geldt ook voor het reizigersvervoer dat zij in het buitenland aanbiedt. NS-dochter Abellio, die in het buitenland opereert, is inmiddels uitgegroeid tot een OV-bedrijf van met een soortgelijke grote werknemers- en reizigersaantallen als NS Reizigers in Nederland. Wat dit in de toekomst betekent voor de buitenlandse activiteiten van de NS, is nog onduidelijk.

Marieke van Gompel

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is redacteur van SpoorPro en algemeen hoofdredacteur van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.