ACM: ProRail benadeelde Lineas bij toegang tot spooremplacementen

Overzicht van rangeerterrein Kijfhoek2015, Flickr.com/Nicky Boogaard

ProRail heeft Lineas bij de behandeling van toegangsverzoeken voor emplacementen Kijfhoek en Maasvlakte West-West in 2020 en 2021 gediscrimineerd en oneerlijk behandeld ten opzichte van andere spoorvervoerders. Dat oordeelt Autoriteit Consument en Markt, nadat de spoorgoederenvervoerder hierover klachten had ingediend.

De klacht van Lineas ging over verschillende capaciteitsverdelingsbesluiten gemaakt door ProRail. Het gaat om de gedeeltelijke weigering van de toegang tot de sporen van Kijfhoek en de sporen op emplacement Maasvlakte West-West voor de jaardienstregeling 2021. Ook maakte de spoorgoederenvervoerder bezwaar tegen het herverdelingsbesluit voor de toegang van de sporen op emplacement Kijfhoek in de periode van 27 november tot en met 12 december 2020.

Spoorcapaciteit werd overgedragen aan DB Cargo

Op 27 november 2020 besloot ProRail spoorcapaciteit van Lineas aan DB Cargo over te dragen, vanwege een storing op Kijfhoek die voor een halvering van de heuvelcapaciteit zorgde. Volgens Lineas leidde de storing op Kijfhoek tot een halvering van de heuvelcapaciteit, maar ontstonden er op het Nederlandse spoornetwerk geen congestieproblemen of vertragingen door deze verminderde capaciteit. Toch besloot ProRail tot het herverdelen van de capaciteit, zonder dat zij hiervoor eigen onderzoek verrichte of over de vermeende congestie overleg voerde met buitenlandse spoorbeheerders zoals DB Netz.

ProRail heeft volgens ACM “zonder gedegen onderzoek en kennelijk volledig vertrouwend op de mondelinge informatie van DB Cargo de aan Lineas toebedeelde capaciteit overgedragen aan DB Cargo”. Volgens Lineas was het probleem niet dringend genoeg om op 27 november 2020 een herverdeling van de capaciteit te rechtvaardigen. Dit benadeelde Lineas in zijn uitvoering van het spoorvervoer, stelt de marktautoriteit.

ACM oordeelt dat ProRail niet transparant is geweest over de procedure om ad hoc capaciteit in te trekken. Daarnaast stelt de marktautoriteit vast dat ProRail in strijd met de Netverklaring 2020 heeft gehandeld door het besluit tot tijdelijke intrekking van de capaciteit van Lineas op Kijfhoek te nemen, zonder dat Lineas hiermee had ingestemd en de mogelijkheid had om hier een geschilprocedure over te starten.

Aanvraag spoorcapaciteit kijfhoek

Lineas is het verder niet eens met de manier waarop de jaardienstregeling 2021 voor Kijfhoek heeft plaatsgevonden. Vanwege de verwachte uitbreiding van het vervoer in 2021 vroeg de spoorgoederenvervoerder vier in plaats van drie sporen aan. Toen er sprake bleek te zijn van conflicterende aanvragen heeft Lineas aangegeven met drie sporen op Kijfhoek toe te kunnen, op voorwaarde dat ProRail alle zes aangevraagde sporen op Maasvlakte West-West zou toekennen. Deze voorwaarde heeft ProRail volgens Lineas weggelaten uit het coördinatieverslag.

ACM oordeelt dat ProRail aan de verplichting heeft voldaan om te onderzoeken hoe de verschillende aanvragen met elkaar konden worden verzoend. Ook heeft ProRail voor de conflicterende aanvragen op Kijfhoek verschillende alternatieven binnen de Rotterdamse haven aan aanvragers voorgedragen en met ze besproken. Voor alternatieven buiten de Rotterdamse haven kon de spoorbeheerder volgens ACM terecht volstaan met de vermelding in het coördinatiedossier dat aanvragers die niet levensvatbaar achten.

Bij de uiteindelijke verdeling van de capaciteit op de heuvelsporen heeft ProRail volgens de marktautoriteit in strijd gehandeld met het non-discriminatiebeginsel, door de aanvraag van Lineas te toetsen aan prioriteringscriterium 2 van de Netverklaring 2021 (is er sprake van een aansluitend treinpad?), terwijl de aanvraag van DB Cargo voor die sporen niet aan dat criterium zijn getoetst.

Advocaat Viola Sütő van LegalRail stond Lineas in deze zaak bij. “Bij capaciteitsverdeling moet je alle vervoerders langs dezelfde meetlat leggen. Lineas kreeg niet de capaciteit die ze had aangevraagd, omdat het prioriteringscriterium discriminatoir toegepast werd.”

Capaciteitsverdeling Maasvlakte West-West

ACM stelt Lineas verder in het gelijk over het ontbreken van transparantie over de capaciteitsverdelingsprocedure voor emplacement Maasvlakte West-West. De marktautoriteit geeft aan dat ProRail in de coördinatieprocedure van de capaciteitsverdeling aan haar verplichting voldaan om te onderzoeken hoe zij de verschillende aanvragen kan verzoenen, door in overleg te treden met de aanvragers. Maar een succesvolle coördinatie verlangt volgens ACM echter ook dat aanvragers inzicht krijgen in het totaal van de aanvragen, zonder voorbij te gaan aan het belang van bedrijfsvertrouwelijkheid van de afzonderlijke aanvragen.

Door dit overzicht niet in het coördinatiedossier van emplacement Maasvlakte West-West voor de jaardienst 2021 op te nemen, heeft ProRail volgens ACM op dit punt van transparantie tekort geschoten. Daarnaast heeft ProRail niet aangetoond of zij Lineas voorstel heeft gedaan voor (levensvatbare) alternatieven voor haar aanvraag op emplacement Maasvlakte West-West. Zij heeft onvoldoende vastgelegd welke alternatieven met aanvragers zijn besproken.

ProRail heeft als exploitant van Kijfhoek en Maasvlakte West-West de verplichting om aan alle spoorvervoerders op een niet-discriminerende wijze toegang te verlenen tot die emplacementen, op grond van artikel 67 van de Spoorwegwet en artikel 13 van het Besluit implementatie richtlijn 2012/34/EU.

Bekijk hier de uitspraak.

Lees ook:

ACM stelt NS in het gelijk over klacht verdeling spoorcapaciteit door ProRail

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is journalist van SpoorPro en algemeen hoofdredacteur van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.