Spoorwerkzaamheden in Assen, foto: ProRail

ProRail: onderbesteding in uitgaven voor spooronderhoud voorbij

ProRail heeft na jaren van onderbesteding in 2016 voor het eerst het gehele beschikbare budget voor beheer, onderhoud en vervanging uitgegeven. Ook voor 2017 lijkt dit te gaan lukken. Dat meldde financieel directeur Hans van Leeuwen tijdens een bijeenkomst in ProRail’s hoofdkantoor de Inktpot in Utrecht. ProRail slaagde er jarenlang niet in om de volledige budgetten te besteden, waardoor er miljoenen moesten worden teruggegeven aan het toenmalige ministerie van Infrastructuur en Milieu. Deze onderbesteding van budgetten door de spoorbeheerder was voor de financieel directeur een ‘grote ergernis’.

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (voorheen Infrastructuur en Milieu) maakt jaarlijks ongeveer 1,2 miljard vrij voor beheer, onderhoud en vervanging. ProRail slaagde er echter jarenlang niet in om deze budgetten helemaal uit te geven. “Deze onderbesteding is er al sinds het ontstaan van ProRail (in 2005, red.) en dit was voor mij een grote ergernis. Want wat we niet uitgeven, dat zijn we kwijt”, aldus Van Leeuwen die begin 2016 aantrad als financieel directeur bij ProRail.

Gebrek aan transparantie

De spoorsector trok in 2014 aan de bel over het gebrek aan transparantie bij ProRail over de investeringen in het spoor. De markt gaf aan behoefte te hebben aan een lange termijn planning voor projecten die op de markt komen, waardoor er rekening gehouden kon worden met investeringen en inzet van personeel. Een tegenvallend aantal opdrachten en concentratie van werkzaamheden in de zomerperiode hadden zelfs tot gevolg dat sommige spooraannemers honderden werknemers moesten ontslaan.

Staatssecretaris Dijksma meldde in 2015 aan de Tweede Kamer dat ProRail honderden miljoenen euro’s voor vervangingsinvesteringen niet uitgaf, waardoor het balletje is gaan rollen. De toenmalige bewindsvrouw noemde het doorschuiven van vervangingen aan het spoor een ‘structureel fenomeen’ met diverse oorzaken. Het niet verkrijgen van treinvrije periodes, vertraging in aanbestedingsprocedures, onvoldoende capaciteit in de markt en bemensing zouden hier debet aan zijn.

Toekomstbestendig spooronderhoud

ProRail en het voormalige ministerie van Infrastructuur en Milieu hebben de afgelopen jaren samen met partijen in de spoorsector gewerkt aan een nieuwe werkwijze voor toekomstbestendig en efficiënt werken aan het spoor. Daarbij worden werkzaamheden meerjarig vooruit gepland. Dat heeft in 2016 de eerste vruchten afgeworpen. Staatssecretaris Dijksma meldde in juni aan de Tweede Kamer dat het gehele budget in 2016 was besteed en er in dat jaar zelfs sprake was van ‘een lichte mate van overbesteding van 27 miljoen’. Ook voor 2017 ziet het er volgens haar positief uit.

“We zijn nu de productievolumes op aan het voeren en plooibaarder aan het maken, zodat het beter inpasbaar is in de PGO-contracten en de personele bezetting van de aannemers. Ook kijken we naar mogelijkheden om het spoor in een kortere tijd buiten dienst te stellen, zodat de netto werktijd toeneemt”, aldus Van Leeuwen. “Verder zijn we samen met onderzoeksbureau McKinsey aan het kijken hoe we de budgetten anders kunnen inzetten, zodat er meer werk kan worden verzet. We kijken daarbij onder meer of we een buffer kunnen inbouwen in het budget, zodat als er opdrachten wegvallen toch al het geld aan het einde van het jaar is besteed.”

De veranderde werkwijze van ProRail is ook bij spooraannemers merkbaar. Woordvoerder Irene van Dam van Strukton Rail: “Wij merken dat er meer opdrachten op de markt komen en dat deze beter worden gespreid. Daardoor kunnen wij daar rekening mee houden in onze processen en personeelsplanning. Ook worden we hier door ProRail veel meer bij betrokken.”

Meerjarig plannen

Door vooruit te plannen over meerdere jaren kan volgens ProRail en het ministerie meer werk worden verricht met minder hinder voor reizigers en verladers en tegen lagere kosten. Door in plaats van 1 tot 3 jaar 5 tot 10 jaar vooruit te kijken, ontstaat eerder een beeld van de verwachte werkzaamheden en wordt de voorspelbaarheid voor de sector groter. Aannemers kunnen hierdoor hun werkvoorraad beter plannen en het geeft meer mogelijkheden voor investeringen in innovatie. Ook vervoerders kunnen hier beter met hun dienstregeling en planning op inspelen.

ProRail ontwikkelt samen met de spooraannemers een nieuwe manier van samenwerken. Gepland werk wordt in grotere pakketten bij elkaar gebracht en wordt ruim voor de uitvoering van de werkzaamheden aanbesteed en gegund. Dit leidt tot een aanzienlijk reductie van de huidige vijfhonderd aanbestedingen per jaar van onderhoudswerk. 

Doordat de aannemer in de nieuwe situatie veel eerder wordt betrokken bij het uit te voeren werk, krijgt hij ook meer ruimte om zijn expertise in te brengen en zelf innovatieve oplossingen aan te dragen.

Beschikbare spoorcapaciteit

Momenteel wordt jaarlijks de capaciteit gelijktijdig onder vervoerders en voor werkzaamheden aan het spoor verdeeld. Volgens de nieuwe werkwijze wordt de capaciteit die nodig is voor alle werkzaamheden voor heel Nederland eerst vooraf vrijgemaakt. Het is voor vervoerders vervolgens in een vroeg stadium duidelijk hoeveel netto beschikbare capaciteit overblijft om personen- of goederentreinen te laten rijden.

ProRail voert in 2018 en 2019 pilots uit waarbij de nieuwe manier van plannen en samenwerking wordt toegepast. Eind 2019 zal de nieuwe manier van werken volledig geïmplementeerd zijn, waardoor deze met ingang van de dienstregeling van 2021 wordt toegepast.

Lees ook:

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is de vaste journalist van SpoorPro en hoofdredacteur van de vakwebsites van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.