Wino Aarnink RailTech 2022

Spoordirecteur Wino Aarnink van IenW: “Spoorsector staat voor grote uitdagingen”

Met een openingstoespraak van Wino Aarnink, directeur Openbaar Vervoer en Spoor bij het ministerie van IenW, is RailTech Europe 2022 in de Jaarbeurs in Utrecht officieel van start gegaan. Aarnink is positief over de nieuwe snelle ontwikkelingen binnen de treinsector, maar betoogt ook dat we voor grote uitdagingen staan.

“Na een vermoeiende COVID-periode ben ik blij dat de beurs en het congres weer gehouden kan worden”, zo begint Aarnink zijn betoog tijdens de openening van de eerste fysieke RailTech Europe in twee jaar tijd. “Het is een meerwaarde om elkaar persoonlijk te ontmoeten en alle interessante ontwikkelingen in de rail business te laten zien, bekijken en bespreken.”

Spoorsector staat voor grote uitdagingen

Aarnink wijst erop dat de vraag naar duurzamere vervoersalternatieven toeneemt. “Het is aantrekkelijk, duurzaam en het kan een deel van de oplossing zijn van de oplossing voor de maatschappelijke uitdagingen.” Maar, zegt Aarnink: “Er is nog een hoop werk aan de winkel en zoals we allemaal weten staan er momenteel twee belangrijke problemen op onze lijst met prioriteiten.”

Een van de prioriteiten is het herstel van het openbaar vervoer, dat na ruim twee jaar coronapandemie veel schade heeft opgelopen. Om winstgevend te ondernemen moet de spoorsector haar passagiers blijven verleiden om met de trein te reizen. “En dat is geen gemakkelijke opgave”, aldus Aarnink. Een tweede uitdaging waar de sector mee moet leren omgaan is het veranderende klimaat. Volgens Aarnink moet de infrastructuur weerbaar worden gemaakt tegen de veranderende weersomstandigheden. “Omgaan met de duurzaamheidsuitdaging en het herstel van COVID-19 is een evenwichtsoefening.”

Wino Aarnink RailTech 2022
Spoordirecteur Wino Aarnink opent RailTech 2022. Bron: ProMedia Group

Internationale treinverbindingen

Meer inzetten op beter internationaal treinverkeer is volgens Aarnink zowel een belangrijke doelstelling als een flinke uitdaging omdat korteafstandsvluchten vervangen moeten worden voor internationale treinen. “Conform de plannen van de EU streven we ernaar om treinen in te zetten voor reizen die korter zijn dan 700 kilometer.” Dat kan, aldus Aalbrink, alleen als de Europese landen effectiever zullen samenwerken.

Diverse bedrijven hebben inmiddels langeafstandstreinen een nieuwe kans gegeven of denken zelfs na over nieuwe internationale spoorverbindingen. Aarnink: “Op korte termijn start bijvoorbeeld een pilot waarbij een overstapsvlucht tussen Amsterdam Airport en Brussel wordt vervangen door een hogesnelheidstrein.”

Modal shift

Een andere uitdaging is de modal shift. Om Nederland draaiende te houden en een enorme verkeersopstopping te voorkomen, zullen nog veel meer personenvervoer maar ook het vrachtverkeer moeten uitwijken naar het spoor. Aarnink ziet op knelpunt steeds meer positieve ontwikkelingen, maar moeten we ook blijven investeren in nieuwe mogelijkheden “zoals digitale automatische koppeling en automatische treinbediening. Daar is wel een full-scale proof of concept voor nodig”, zo besluit Aarnink tot slot.

Auteur: Kenneth Steffers

Kenneth Steffers is (politiek) verslaggever, journalist en redacteur voor SpoorPro.nl

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.