Europese Commissie Brussel, foto: ANP

Miljoenenboete om spoorkartel in Duitsland, België en Oostenrijk

De Europese Commissie heeft voor bijna 49 miljoen euro aan boetes opgelegd omdat de spoorwegbedrijven van België, Duitsland en Oostenrijk een kartel hebben gevormd. Tussen 2008 en 2014 maakten ze onderling afspraken over wie welke klant zou helpen in het internationale goederenvervoer.

De bedrijven namen deel aan een kartel voor klanttoewijzing, dat betrekking had op grensoverschrijdende vrachtvervoersdiensten per spoor op bloktreinen op belangrijke spoorcorridors in de EU. De drie bedrijven erkenden hun betrokkenheid bij het kartel en kwamen overeen de zaak te schikken. Bij een kartelschikking erkennen partijen hun deelname aan een kartel en hun aansprakelijkheid daarvoor. De boetes zijn vastgesteld op basis van de richtlijn voor boetes van de Commissie uit 2006.

Uitvoerend vicevoorzitter Margrethe Vestager, verantwoordelijk voor het mededingingsbeleid bij de Europese Commissie: “Een kartel tussen belangrijke exploitanten die goederenvervoer per spoor aanbieden op essentiële spoorcorridors in de EU, druist fundamenteel in tegen onze doelstelling om eerlijke concurrentie te bieden voor duurzaam spoorvervoer. Het besluit van vandaag geeft een duidelijk signaal af dat dit soort heimelijke afspraken niet acceptabel zijn.”​

Kartelvorming

De boete voor de kartelvorming voor Deutsche Bahn AG bedraagt ​​meer dan 48 miljoen euro. Dit is een stijging van 50 procent, omdat de spoorwegmaatschappij in 2012 eerder aansprakelijk werd gesteld voor een ander kartel en opnieuw de fout inging. De Nationale Maatschappij van de Belgische Spoorwegen (NMBS) moet 270.000 euro betalen. De Oostenrijkse nationale spoorwegmaatschappij ÖBB hoeft niets te betalen vanwege alle informatie die ze over het kartel hebben verstrekt. Ze kregen volledige immuniteit en vermijden hiermee een boete van ongeveer 37 miljoen euro. DB en NMBS hebben ook geprofiteerd van een verlaging van hun geldboeten voor hun medewerking met de Commissie tijdens het onderzoek.

De concurrentiebeperkende afspraken vonden plaats van 8 december 2008 tot 30 april 2014, waarbij de NMBS pas sinds 15 november 2011 deelnam en alleen voor transporten door ÖBB, DB en NMBS. Het betrof conventioneel goederenvervoer, met uitzondering van autotransport.

Bloktreinen

De schending van de regels had betrekking op grensoverschrijdende goederenvervoerdiensten per spoor in de EU die door ÖBB, DB en NMBS volgens het vrachtverdelingsmodel werden aangeboden en uitgevoerd in zogenaamde bloktreinen. Dit zijn goederentreinen die goederen van de ene locatie naar de andere vervoeren zonder dat ze onderweg worden opgesplitst of gestopt.

Volgens het model voor het delen van goederen, een contractmodel waarin is voorzien in de internationale spoorwegwetgeving, bieden spoorwegondernemingen die grensoverschrijdende spoordiensten verrichten klanten een enkele totale prijs voor de dienst die vereist is in het kader van een enkel multilateraal contract. Uit het onderzoek van de Commissie is gebleken dat de drie spoorwegmaatschappijen hebben samengewerkt door heimelijke informatie uit te wisselen over verzoeken van klanten om concurrerende aanbiedingen. Ze hebben elkaar ook hogere koersen gegeven om hun respectieve zaken te beschermen.

Lees ook:

Auteur: Esther Geerts

Esther Geerts is journalist van RailTech.com, de internationale zusteruitgave van SpoorPro.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.