Wim van de Camp Europees Parlement

Wim van de Camp: Europa wil geen Vijfde Spoorwegpakket

Volgens Europarlementariër Wim van de Camp (CDA/EVP) zal er niet snel een Vijfde Spoorwegpakket komen, omdat er in Europa onvoldoende draagvlak voor verdergaande liberalisering is. Van de Camp stond als lid van de Commissie Transport en Toerisme aan de wieg van het Vierde Spoorwegpakket dat in 2016 werd beklonken en diverse lidstaten op dit moment implementeren. “Een verdere liberalisering zoals die bijvoorbeeld in Engeland is doorgevoerd, en die verder gaat dan de maatregelen uit het Vierde Spoorwegpakket, wil het continent Europa niet”, aldus de Europarlementariër.

Het Vierde Spoorwegpakket is een pakket aan maatregelen dat onder meer zorgt voor meer concurrentie op het Europese spoor. Daardoor is het makkelijker voor nieuwkomers om de markt te betreden en worden investeringen en ontwikkeling van nieuwe commerciële spoordiensten gestimuleerd. Het is de bedoeling dat hiermee de kosten van het spoor omlaag gaan en dat spoorbedrijven minder afhankelijk zijn van overheidssubsidies. De nieuwe Europese spoorwetgeving moet ervoor zorgen dat openbare aanbesteding de standaardprocedure wordt voor het selecteren van spoorvervoerders in EU-landen.

“Als overheden besluiten om spoordiensten toch onderhands aan de nationale spoorwegen te gunnen, dan moeten zij dit stevig onderbouwen. Bijvoorbeeld door aan te tonen dat dit de enige partij is die deze diensten kan verzorgen. In Nederland is dit zeker niet het geval, want je hebt bijvoorbeeld ook Eurostar die van Londen naar Amsterdam rijdt”, aldus Van de Camp.

Three strikes out

De afspraken uit het Vierde Spoorpakket worden door de lidstaten op dit moment toegepast in nationale wetgeving. Het Nederlandse ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft daartoe onder meer het ‘Three strikes out’ principe in het leven geroepen. Deze afspraak houdt in dat als de nationale spoorvervoerder NS drie keer op rij prestatie-afspraken niet haalt, dat spoorlijnen die zij exploiteert openbaar aanbesteed kunnen worden.

Vorige maand kregen NS en ProRail boetes van het ministerie van IenM, omdat zij de prestatie-afspraken voor 2016 niet hebben behaald voor het spoorvervoer op de HSL-Zuid. Omdat NS voor de tweede keer onder de maat presteerde, belandde het spoorbedrijf in de gevarenzone en is staatssecretaris Dijksma een marktverkenning gestart naar een andere spoorvervoerder voor de exploitatie van de hogesnelheidslijn.

De verontwaardigde reacties van NS-directeur Roger van Boxtel en ProRail-directeur Pier Eringa op de boetes van het ministerie waren volgens van de Camp niet terecht.  “Wij in Nederland zijn altijd ontzettend goed om successen te claimen, maar de verantwoordelijkheden die moeten ook gedragen worden. De staatssecretaris heeft volgens de afspraken en de wet gehandeld.”

Marktwerking

“Van Boxtel en Eringa zeggen dat ze bezig zijn om hun bedrijven weer op de rails te krijgen, maar daarmee is de verantwoordelijkheid van de bedrijven als zodanig niet mee weggenomen. Hun voorgangers hebben prestatie-afspraken gemaakt met de Nederlandse overheid. En in de marktwerking die wij in Europa zijn overeengekomen in de verschillende spoorwegpakketten, die is omgezet naar nationale wetgeving, is dit nu eenmaal de deal.”

“Als vervolgens de staatssecretaris in het nieuwe kabinet zegt: jullie zijn nu voor de derde keer de fout ingegaan en we gaan het spoor opnieuw aanbesteden, dan is dat een gevolg van de afspraken die wij Europees hebben gemaakt. Dat is helemaal niet tegen personen gericht, maar wel tegen bedrijven die niet goed presteren.”

Marktordening spoor

De Europarlementariër is positief over de uitkomst van het onderzoek ‘Kiezen voor een goed spoor. Scenario’s voor ordening en sturing op het spoor na 2024′ dat is uitgevoerd door Hans van der Vlist en Peter van den Berg. Zij waarschuwen in het rapport om de marktordening van het spoor niet in één klap om te gooien.

“Ik vind het een heel verstandig advies. Ga nu niet de hele zaak op zijn kop zetten, want het gaat miljoenen kosten als het mis gaat. Zoals wij het op dit moment in Nederland geregeld hebben, is een mooi evenwicht. NS is verantwoordelijk voor het hoofdrailnet. Wij willen intercityverbindingen van Den Haag naar Groningen en van Rotterdam naar Leeuwarden. Tegelijkertijd stellen we vast dat er een aantal spoorlijnen zijn die door NS niet goed geëxploiteerd worden. Die besteden we aan, zodat spoorbedrijven als Arriva en Connexxion hierop kunnen rijden.”

Positie ProRail

In het rapport over de marktordening voor het spoor waarschuwen de onderzoekers voor de dure transitierisico’s en kosten van het onderbrengen van ProRail bij de overheid, een plan van demissionair staatssecretaris Dijksma. De Tweede Kamer heeft de plannen voor omvormen van ProRail tot zbo (zelfstandig bestuursorgaan met eigen rechtspersoonlijkheid) onlangs ‘demissionair’ verklaard, wat betekent dat pas een volgend kabinet hierover een beslissing zal maken.

Van de Camp: “Ik verwacht dat het nieuwe kabinet ProRail als BV zal handhaven, ook omdat een BV makkelijker in de markt kan werken. Ook een BV, zeker één met staatssubsidie, kun je aan bepaalde eisen binden en daar vervolgens ook op afrekenen. Het omvormen van een BV naar een zbo zal naar verwachting enorme consequenties hebben op het gebied van pensioenen en financiën.”

“Het feit dat ProRail een beetje een moeilijke tijd heeft gehad, hoeft geen reden te zijn om de hele zaak weer bij de staat onder te brengen. Dit mag in mijn ogen ook niet. Als het nieuwe management van ProRail en NS de komende vier jaar de tijd krijgen om hun werk te doen, dan vervalt ook de noodzaak van te veel invloed vanuit de overheid.”

Verdere marktopening

Een Vijfde Spoorwegpakket zal er volgens Van de Camp niet komen. “Op de eerste plaats, omdat een verdergaande liberalisering niet door de Europese bevolking zal worden gepikt. En op de tweede plaats omdat door het nationalisme van de Europese lidstaten de grenzen van de verdere marktopening hebben bereikt.”

“Op dit moment gaat in Brussel de grootste aandacht uit naar de nieuwkomers en of zij eerlijke toegang krijgen tot het spoor. Liberalisering van het spoor, zoals die bijvoorbeeld in het Verenigd Koninkrijk door middel van franchising, wil Europa niet. Er is een groot verschil tussen de Europese wereld en de Angelsaksische wereld. De Angelsaksische wereld zou wellicht wel een Vijfde Spoorwegpakket willen”, meent Van de Camp. “Overigens loopt de implementatie van het Vierde Spoorwegpakket zelfs door tot 2032. Ik denk dat we voorlopig onze energie beter aanwenden voor het bestrijden van de jeugdwerkeloosheid en de vergrijzing.”

Lees ook:

Wil je ook elke week de gratis nieuwsbrief van SpoorPro ontvangen? Vul hier jouw e-mailadres in:

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is de vaste journalist van SpoorPro en hoofdredacteur van de vakwebsites van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.