De Intercity Nieuwe Generatie in de onderhoudswerkplaats in Watergraafsmeer

Corona en softwareproblemen zorgen voor nieuwe vertraging ICNG

De instroom van de Intercity Nieuwe Generatie (ICNG) in reizigersdienst start niet eerder dan 2022. Dat niet alle treinen voor het eerste traject dit jaar geleverd konden worden was al bekend, maar uit een brief van NS aan het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat blijkt dat er dit jaar geen enkele ICNG in gebruik wordt genomen. De coronapandemie zorgt voor veel problemen bij de toelevering van onderdelen en het testen van de treinen. Daarnaast zijn er softwareproblemen opgedoken die nog moeten worden opgelost.

De levering van treinen die nodig zijn voor de operationele voorbereiding in Nederland is nog onzeker door een achterstand in de softwareontwikkeling. Pas als dit opgelost is, kan NS haar proefbedrijf starten. Deze testen zijn bedoeld om problemen vroegtijdig te ontdekken en deze voor de start van het reizigersbedrijf op te lossen. Deze softwareaanpassingen liggen volgens NS momenteel op het ‘kritieke pad’. Dit betekent dat hertesten nodig zijn, toelating langer duurt en opleidingen later starten. Voor de instroom van ICNG in de reizigersdienst heeft dit inmiddels tot gevolg dat de start hiervan niet langer haalbaar is in 2021 en verschuift naar 2022. Voor het traject Amsterdam – Breda blijft de ambitie van NS wel om het instromen van de ICNG volledig te realiseren voor het einde van de dienstregeling 2022.

Hertesten

Hoe de planning er exact uitziet is volgens de vervoerder nog niet te zeggen omdat de impact van het coronavirus nog voor te veel onvoorziene omstandigheden zorgt. Zo is de doorlooptijd voor het oplossen en hertesten van de huidige softwareproblemen onbekend. Net als het verdere verloop van de pandemie en de kans op toename van ontbrekende onderdelen van toeleveranciers.

Verder kunnen de resultaten van het nog lopende testprogramma nog leiden tot noodzakelijke aanpassingen en is er is er een langere doorlooptijd van de toelating doordat dit sinds het 4e Spoorwegpakket loopt via de ERA (European Union Agency for Railways]) en de kans bestaat dat er nog noodzakelijke maatregelen kunnen volgen uit het onderzoek naar het sleepongeval in Duitsland wat nog niet is afgerond.

De nieuwe vertraging heeft volgens NS geen invloed op de dienstregeling. Dit omdat eerder al was besloten om de op de volledige inzet van de ICNG en de bijbehorende hogere snelheid gebaseerde nieuwe dienstregeling voor 2023 uit te stellen tot 2024.

Fyra-enquete

Ondanks dat de introductie van de ICNG op de HSL en het Hoofdspoornet keer op keer vertraging blijft oplopen, zegt NS geen concessies te willen doen aan een zorgvuldige introductie. Een debacle als bij de introductie van de Fyra ligt nog vers in het geheugen. “We gaan door met testen binnen de mogelijkheden die er in deze tijd zijn (zoals recent de start van de testen met het eerste 8-wagenstel en de opleidingen voor onderhoud). Samen met onze leverancier werken we hard aan een betrouwbare introductie van ICNG in de reizigersdienst in 2022”, schrijft NS.

Dit onder meer door de herstart en het draaiend houden van de productie in Polen ondanks het hoge ziekteverzuim. Maar ook door het werken in kleinere teams en het breder opleiden van productiemedewerkers om uitval van collega’s op te vangen. Verder worden materiaalstromen continu gemonitord om materiaaltekorten in productie te beperken. Hetzelfde geldt voor onderleveranciers en het contracteren van ‘second sources’. Lokale medewerkers worden ingehuurd en opgeleid voor testwerkzaamheden onder begeleiding van buitenlandse specialisten door middel van een videoverbinding.

Toelating

Er zijn alternatieve testfaciliteiten in Duitsland gehuurd en er werd een aantal testen verplaatst naar Nederland om aanwezigheid van specialisten mogelijk te maken. Alstom heeft de doorontwikkeling van software voor de ICNG de hoogste prioriteit gegeven en gesplitst in meerdere leveringen om de punten die relevant zijn voor toelating en het proefbedrijf zo snel mogelijk op te kunnen lossen.

Ook zijn er ervaren Nederlandse toelatingsmanagers ingehuurd die betrokken zijn geweest bij meerdere Nederlandse toelatingstrajecten. Zij begeleiden de buitenlandse specialisten om het toelatingsdossier voor het indienen bij de ERA op een zo hoog mogelijk kwaliteitsniveau te krijgen en daarmee de doorlooptijd van de beoordeling te minimaliseren. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) die verantwoordelijk is voor de Nederlandse toelating, wordt voorafgaand aan de formele beoordeling al zo veel mogelijk geïnformeerd en betrokken.

Lees ook:

Onderwerpen: , , , ,

Auteur: Paul van den Bogaard

Paul van den Bogaard is redacteur van SpoorPro.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.