Matthijs van Doorn, directeur achterlandverbindingen van het Havenbedrijf Rotterdam

‘Marktaandeel Haven Rotterdam in Zuidwest-Duitsland kan 23% stijgen’

De haven van Rotterdam kan zijn marktaandeel in Zuidwest-Duitsland tot 23 procent vergroten als er extra spoorverbindingen komen. Dat is een van de uitkomsten van het marktonderzoek ‘HiRo – Marktpotentieel van containertransporten uit het achterland van Zuidwest-Duitsland’ dat vorige week in Mannheim is gepresenteerd.

Het onderzoek is uitgevoerd door de Technische Universiteit Darmstadt uit Duitsland, Havenbedrijf Rotterdam en logistiek dienstverlener Contargo. Het onderzoek is gebaseerd op een enquête onder dertig expeditiebedrijven, rederijen en verladers uit de deelstaten Baden-Württemberg, Hessen, Rheinland-Pfalz. De ondernemingen werden naar hun keuzegedrag met betrekking tot havens en transportmodaliteiten gevraagd.

Potentie

Terwijl het onderzoek juist de potentie van de Rotterdamse haven onderstreept, vielen de volumes vorig jaar tegen. Matthijs van Doorn, directeur achterlandverbindingen van Havenbedrijf Rotterdam, sprak hierover vorige week zijn zorgen uit tijdens een bijeenkomst van kennisnetwerk Railforum in Amersfoort. Hoewel het totale volume aan goederen van de Rotterdamse haven in 2017 is gestegen met twee procent, daalde het spoorvolume van en naar de haven.

“Er zijn nog vele markten winnen, vooral in het achterland”, legde Van Doorn uit. “Zeevracht verplaatst zich continu; een vervoerder kan van de ene op de andere dag voor een andere haven kiezen. Goederenvervoer per spoor is duurzamer, en dat is ook hoe we willen groeien.”

Volgens van Doorn zijn het vooral de bestemming binnen een straal van veertig tot vijftig kilometer van de Rijn waar potentie ligt, zoals Noordrijn-Westfalen, Rijnland-Palts, Baden-Württemberg en in zekere zin ook Hessen en Beieren. “Het zwaartepunt van de achterlandstromen ligt in Nederland en Duitsland. Nederland heeft een aandeel van 43 procent van de aan- en afvoer van goederen en Duitsland een aandeel van 33 procent.

Verbinding met achterland

Uit de studie van de Technische Universiteit Darmstadt blijkt dat naast de transportkosten de betrouwbaarheid van de verbinding met het achterland een steeds belangrijkere concurrentiefactor. Het vergroten van het railaanbod creëert extra marktaandelen en een groter aandeel in de modal split voor de spoorwegen, zo wordt geconcludeerd.

Om in te spelen op toekomstige scenario’s wordt gepleit voor een open uitwisseling van gegevens tussen alle partijen. Verwacht wordt dat daarmee het aantal ‘eilandoplossingen’ afneemt. Ook helpt het om overkoepelende processen systematisch te verbeteren van de diverse spelers in de transportketen.

Digitalisering

De uitkomsten van de enquête laten zien dat de digitalisering een steeds grotere rol krijgt in de transportafwikkeling, de processen en de besluitvorming. Het ontwikkelingspotentieel bij digitalisering is groot. Electronic Data Interchange–interfaces (EDI) vervangen in toenemende mate de handmatige communicatie per e-mail, fax en telefoon. Desondanks blijft de manager een belangrijke schakel in de complexe transportplanning en -sturing.

Uit het onderzoek blijkt verder dat verladers de routes voor de zeecontainers eerder via de westelijke havens plannen. Expeditiebedrijven geven de voorkeur aan de Duitse zeehavens.

Wegtransport

Alle geïnterviewden, maar vooral de expeditiebedrijven, maken gebruik van wegtransport. Dit is gemiddeld iets meer dan 20 procent. Alleen bij rederijen is de binding met een specifieke zeehaven vanwege logistieke opslag of terminalparticipaties sterk ontwikkeld. Voor alle deelnemers aan de enquête is een breed aanbod aan verbindingen over zee zeer relevant.

Bij de rederijen is het prestatievermogen van de havens een belangrijke factor, waar de expeditiebedrijven de kosten hoog scoren. De verladers baseren hun keuze vooral op de betrouwbaarheid van de verbindingen met het achterland.

Simulatiemodel

Het onderzoek is gecombineerd met een simulatiemodel dat de actuele marktaandelen evenals het theoretische en daadwerkelijke marktpotentieel berekende. Daaruit blijkt dat door een verbetering van het aanbod verplaatsingen naar de westelijke havens voor wat betreft de marktaandelen en bij de modal split kunnen worden verwacht.

De simulatie toont aan dat op basis van transportkosten en duur een verschuiving naar de binnenvaart en het treinverkeer via de westelijke havens verwacht mag worden. Bij extra spoorverbindingen kan bijvoorbeeld in de regio Stuttgart het marktaandeel tot 15 procent stijgen.

Ook wanneer in de simulatie wordt gekeken naar de beslissingslogica voor het marktpotentieel, is er een verschuiving van de modal split te zien ten gunste van de binnenvaart en het spoor. Op basis van de gemaakte aannames en de gekozen scenario’s kon het marktaandeel voor Rotterdam in bepaalde regio’s tot wel 23 procent worden vergroot.

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is redacteur van SpoorPro en algemeen hoofdredacteur van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.