Verkeersleidingspost, Utrecht

Oplossingen personeelstekort ProRail: samenvoegen werkplekken en sneller opleiden

Verkeersleidingspost, Utrecht

ProRail kan twee concrete maatregelen nemen die het tekort aan treinverkeersleiders op korte termijn op kunnen vangen: Het versnellen en uitbreiden van de opleiding en het anders organiseren van werk om diensten uit te sparen, bijvoorbeeld door het samenvoegen van werkplekken. Dat concludeert Boston Consulting Group (BCG) in een onafhankelijk onderzoek naar de aanpak van het tekort aan treinverkeersleiders bij ProRail.

Het onderzoekbureau geeft in het rapport aan dat ProRail voor een lastig dilemma staat, omdat er juist deze maatregelen ter discussie staan. Er is met name onder treinverkeersleiders veel weerstand over het samenvoegen van verkeersleidingsposten, omdat dit soms langere reistijd betekent en een hechte club mensen uit elkaar wordt gehaald.

Onafhankelijk onderzoek naar de aanpak

ProRail heeft BCG gevraagd een onafhankelijk onderzoek uit te voeren naar de aanpak rondom het tekort aan treindienstleiders op de korte- en middellange termijn. Het startpunt hiervoor is het ProRail plan van aanpak geweest van 24 november 2021.

BCG concludeert dat ProRail op de korte termijn aan de juiste maatregelen werkt en dat het plan met een aantal aanscherpingen ook alle relevante acties voor de middellange-termijn bevat. Om tot deze conclusie te komen heeft BCG eerst de ‘grondoorzaken’ op een rij gezet, waarna het onderzoeksbureau vaststelt dat de maatregelen uit het plan van aanpak van ProRail hier goed op ingrijpen. Tevens is door BCG gekeken of er nog aanvullende maatregelen te nemen zijn.

Grondoorzaken voor het personeelstekort

Grondoorzaken zijn onder meer dat de inzetbaarheid van treinverkeersleiders kwetsbaar is doordat ze alleen inzetbaar zijn op specifieke werkplekken. Daarnaast ontbreekt het aan een tactische personeelsplanning (horizon 2-3 jaar). Ook kampt een aantal posten met onverwachte uitschieters in (ziekte)verzuim doordat de grenzen van de flexibiliteit en extra inzet bereikt zijn.

Als andere grondoorzaak wordt onvrede op de werkvloer genoemd. Medewerkers voelen zich onvoldoende door het management gehoord voor de problemen die zij zelf hebben gesignaleerd en geadresseerd. Verder stelt BCG vast dat een treindienstleider steeds meer een startersfunctie voor een aantal jaar in plaats van een ‘eindstation’ waar medewerkers langer blijven werken.

Maatregelen uit plan van aanpak aangepast

ProRail heeft samen met BCG een aantal maatregelen uit het plan van aanpak aangescherpt. Deze maatregelen zijn bijvoorbeeld het potentieel verkorten van de opleiding en uitbreiding van de opleidingscapaciteit, de prognoses van de personeelsplanning regelmatig en onafhankelijk laten analyseren en het wenkend perspectief te geven om de functie treindienstleider interessant te houden. Dit laatste door onder andere pilots met digitalisering binnen de verkeersleiding op te starten.

Ook zijn een aantal lopende maatregelen (die los van het plan van aanpak en de daarbij horende taskforce gestart waren) toegevoegd om de focus en overzicht te houden zoals het ondersteunen van het operationeel management door onder andere trainingsprogramma’s, het standaardiseren van de bedrijfsvoering door een duidelijke verantwoordingscyclus, het vergroten van de flexibiliteit, voorspelbaarheid en haalbaarheid van de operationele planning, en vrijwillig meer werken (het aanbieden van uitbreiding van contracturen, mits de veiligheid niet in het geding komt).

Situatie blijft kwetsbaar op specifieke posten

​​BCG verwacht dat, ondanks een succesvolle implementatie van de maatregelen uit het plan van aanpak die nu in gang gezet zijn, de situatie in algemene zin in de eerste helft van 2022 op een aantal posten kwetsbaar blijft. Op landelijk niveau blijft de situatie in de zomer van 2022 en 2023 kwetsbaar in verband met zomerverlof. Kwetsbaar betekent dat er alleen ruimte is voor noodzakelijke diensten, en niet voor onder andere vakonderhoud (het op peil houden van kennis).

Kwetsbare verkeersleidingsposten zijn Roosendaal, Kijfhoek, Utrecht en Den Haag. Op de post in Utrecht is begin 2022 daarnaast extra ‘dijkbewaking’ nodig om de noodzakelijke werkzaamheden te blijven uitvoeren, zoals de inzet van een flexpool van 5 tot 6,5 fte. Na de zomer wordt het beeld op Utrecht echter een stuk beter. Door de verwachte instroom van nieuwe treindienstleiders lijkt de inzetbare populatie vanaf het derde kwartaal van 2022 voldoende voor alle normale werkzaamheden. Op post Den Haag is sprake van een structureel krimpende populatie vanwege uitstroom door treindienstleiders die in 2022 en 2023 met pensioen gaan.

Als er op deze posten sprake is van hoog verzuim dan kan dit betekenen dat een werkplek niet bezet kan worden en de treinen op een bepaald baanvak niet kunnen rijden. De prognose van BCG laat zien dat er tot en met 2023 risico blijft op treinuitval en dat daarna het totaal inzetbare verkeersleiders – door de invoering van de maatregelen uit het plan van aanpak – weer voldoende lijkt te zijn om alle reguliere taken en werkzaamheden uit te voeren.

Na 2023 blijven op een aantal specifieke posten aanvullende maatregelen nodig, maar dit brengt naar verwachting geen risico voor treinuitval met zich mee. Daarbij wordt de kanttekening gemaakt dat er daarnaast veel onzekerheid is over een mogelijk veranderde situatie met betrekking tot coronabesmettingen, quarantaineregels/richtlijnen en daaraan gerelateerd verzuim tot aanvullende bezettingsrisico’s.

Uitvoeringsrisico’s van extra maatregelen

Staatssecretaris Vivianne Heijnen die het rapport naar de Tweede Kamer heeft gestuurd schrijft in haar begeleidende brief dat “de additionele maatregelen die BCG identificeert, significante uitvoeringsrisico’s hebben”. Daarbij gaat het om de eerder genoemde verdere (tijdelijke) versnelling en uitbreiding van de opleiding en/of het anders organiseren van het werk om zo diensten uit te sparen. “De uitvoeringsrisico’s hierbij betreffen onder andere interne uitvoerbaarheid, afhankelijkheid van externe bedrijven en acceptatie van maatregelen door medewerkers.”

Heijnen geeft aan zich bewust te zijn van het ongemak dat het uitvallen van treinen oplevert voor reizigers. Ze schrijft verder dat het plan van aanpak van ProRail inclusief de externe toets haar het vertrouwen geeft “dat ProRail alles op alles zet om ervoor te zorgen dat treinuitval wordt voorkomen”.

Lees hier het volledige rapport.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen.

Wilt u onbeperkt lezen? Sluit nu een actie abonnement af en 

krijg onbeperkt toegang tot vakinformatie over de spoormarkt.

start actie abonnement

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is journalist van SpoorPro en algemeen hoofdredacteur van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.