NS-treinen, Station Den Haag Centraal, foto: ProRail/Rob van Esch

‘Besturing spoorsector verbetert door transparantie en betere rolverdeling’

De inrichting en besturing van de spoorsector wordt beter als er meer transparantie is over de  verantwoordelijkheden en er een betere rolinvulling en rolverdeling is onder de betrokken partijen. Dat kan door de rollen te herverdelen over bestaande partijen of met de introductie van een nieuwe speler. Dat concludeert een werkgroep van vijf deskundigen die samen zijn gebracht door Railforum en APPM.

Zij reageren hiermee op het rapport ‘Kiezen voor een goed spoor. Scenario’s voor ordening en sturing op het spoor na 2024′ van Hans van der Vlist en Peter van den Berg. In dit rapport adviseren de onderzoekers om pas op de plaats te maken en de marktordening van het spoor niet in ‘een big bang’ om te gooien.

Besturing spoormarkt

De werkgroep heeft de huidige inrichting en besturing van de OV-markt en het spoorgoederenvervoer bekeken als aanvulling op alle discussies en onderzoeken die er momenteel zijn, maar vaak vanuit worden gevoerd vanuit een bewuste mening, standpunt of overtuiging. De experts keken objectief naar de verdeling van de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden over rollen, de invulling van en de afstemming tussen deze rollen, inclusief de bijbehorende prikkels.

De vijf experts constateren in een notitie vier elementen in de huidige besturing die beter kunnen. Fragmentatie en versnippering zorgen voor sub-optimalisatie en dat is volgens hen negatief voor de integrale deur-tot-deurreis en de integrale benadering van de ‘sectorbrede uitdagingen’. Er ontbreken dus voldoende prikkels om verbeteringen door te voeren voor de reizigers. De sector mist bovendien innovatiekracht en het vermogen om innovatieve oplossingen werkelijk uit te voeren. Daarbij gaat het om oplossingen voor bereikbaarheid van de grote steden of vraaggestuurde flexibele mobiliteitsoplossingen.

Rolverdeling

De twee andere hindernissen betreffen op de verspreiding tussen de betrokkenen in de sector. De rolverdeling tussen vervoerders, overheden en overheden onderling is vaak onduidelijk en niet consistent. “De kennis bij de overheid is niet toereikend om deze taak van invloed uitoefenen op bedrijfsvoering goed in te vullen”, aldus de werkgroep. Dit is ook een probleem omdat er geen eigenaar is voor uitdagingen die sectorbreed gedragen worden. Daardoor worden deze uitdagingen vaak niet snel genoeg of met niet voldoende slagkracht opgepakt.
Verbeteringen

De werkgroep heeft op basis van deze verbeterpunten aanbevelingen voorgesteld in de besturing die de kwaliteit van het OV ten goede zullen komen. De experts constateren wel dat er waakzaam omgegaan moet worden met het wijzigen van het huidige besturingssysteem, omdat het OV in Nederland op internationaal gebied goed scoort. Er is dan ook met name veel te winnen door het bestaande systeem beter te benutten. Daarom benadrukt de werkgroep hoe belangrijk het is dat de juiste volgorde wordt aangehouden bij aanpassingen en dat wijzigingen in de besturingsinrichting alleen gedaan worden op een moment dat alle effecten hiervan in het hele systeem zijn afgewogen. Niet alleen op operationeel niveau, maar ook op strategisch en tactisch niveau.

Transparantie

In eerste instantie is het belangrijk dat er gewerkt wordt aan transparantie. De verdeling van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden tussen spelers moet verduidelijkt worden én alle spelers moeten hun rol accepteren. Wanneer dit is vastgesteld, kan gestart worden met de rolinvulling en de manier waarop die ‘rolhouder’ zijn positie beter en sterker kan invullen.

Op het moment dat elke betrokkene zijn positie heeft gepakt, is ruimte voor een structuuraanpassing, waarbij de verdeling van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden aan bod komt. Die taken kunnen herverdeeld worden over bestaande partijen, maar een introductie van een nieuwe speler behoort ook tot de mogelijkheden. Een voorbeeld is een landelijke vervoersautoriteit op tactisch niveau.

Verbeteringen

Er zijn dus zeker verbeteringen mogelijk; ook omdat OV-sector met twee hoofdopgaven geconfronteerd zal worden tot aan 2040. De eerste betreft het tegengaan van de negatieve gevolgen van de huidige fragmentatie. Dit is nodig, omdat de deur-tot-deurreis belangrijker wordt maar door fragmentatie is de realisatie van zo’n deur-tot-deurreis uitdagend. Bovendien komt het tegengaan van fragmentatie ten goede aan de capaciteitsverdeling tussen het personen- en goederenvervoer.

De tweede uitdaging is het versterken van innovatiekracht en slagkracht bij het doorvoeren van innovatieve oplossingen. Wanneer dit goed geregeld is, zal het gemakkelijker worden om de groeiende vraag in personen- en goederenvervoer over spoor in te vullen. Ook is het dan mogelijk om economische kerngebieden te verbinden met een kortere reistijd en zorgt dit voor een blijvende verbeterde kwaliteitsverbetering van personenvervoer.

Concessieverlening

Hoewel er verbeterpunten zijn, vinden de experts het belangrijk om te benoemen dat er veel goed gaat in het besturingssysteem van het Nederlandse OV. De reiskwaliteit verbetert namelijk omdat vervoersconcessies steeds vaker inzetten op outputsourcing. Ook wordt in concessies vaker geëist dat vervoerders de focus behoudt op klantwensen en periodieke vernieuwing, wat leidt tot een lerend vermogen bij zowel de concessieverlener als de concessiehouder.

De huidige gedecentraliseerde concessieverlening stimuleert bovendien de verantwoordelijkheid van regionale vervoerders en overheden en biedt meer mogelijkheden tot differentiatie. Als laatste neemt de bereidheid tot samenwerking momenteel weer toe. “Deze bereidheid is een cultureel kenmerk in Nederland, die wordt ondersteund door de huidige besturing van de OV-markt en spoorgoederenvervoer”, schrijft de werkgroep.

Lees ook:

Onderzoek: geen ‘big bang’ in marktordening spoor

Auteur: Inge Jacobs

Inge is redacteur van SpoorPro en vaste redacteur van OVPro, het vakblad voor OV-professionals.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.