RailTech Academy: Seinen en ERTMS: wat zit erin?

De tweede cursus van de RailTech Academy was gewijd aan een belangrijk onderwerp voor de spoorwegindustrie zoals signalering en ERTMS. Jean Rousseau, spoorwegingenieur bij IKOS Consulting, gaf gedetailleerde uitleg over beide kwesties, waaronder hun oorsprong, doelen, componenten, kenmerken en vooruitzichten.

ERTMS (het European Railway Traffic Management System) is een zeer gecompliceerd maar belangrijk onderwerp voor de Europese spoorwegsector. Professionals praten er al sinds de jaren negentig over. Sommige landen rapporteren voortdurend over de succesvolle toepassing van deze innovatieve oplossing, maar de implementatie van ERTMS is nog lang niet voltooid.

Desalniettemin hebben de Europese spoorwegen het nieuwe systeem nodig en zonder zou er geen toekomst mogelijk zijn. Waarom? RailTech Academy docent Jean Rousseau beantwoorde deze vraag door een stap terug te doen in de geschiedenis van de spoorwegsignalering en ERTMS door hun kenmerken en componenten uit te leggen.

Spoorwegrisico’s

Hij begon de presentatie met het definiëren van de belangrijkste risico’s waarmee spoorwegen te maken hebben in hun dagelijkse activiteiten. Deze risico’s zouden volgens de ingenieur in zes categorieën kunnen worden ingedeeld:

  • Trein die elkaar inhalen;
  • Treinen die zijwaarts invoegen;
  • Kop-staart botsingen;
  • Ontsporing;
  • Aanrijding met een obstakel;
  • Ongevallen in gevaarlijke gebieden (overwegen, wissels).

De genoemde risico’s hebben verschillende oorzaken. Zo ontstaan ​​ontsporingen vaak als gevolg van te hoge snelheid of defecte spoorstaven, terwijl ongevallen op overwegen meestal worden veroorzaakt door automobilisten. Ondanks deze verschillen leiden alle spoorwegongevallen tot vergelijkbare gevolgen: schade aan rollend materieel, verstoringen, menselijk letsel en zelfs dodelijke slachtoffers.

Signalling-variability-in-Europe

Signaalvariabiliteit in Europa, bron: Jean Rousseau / IKOS

Oorsprong van signalering

Om risico’s op het spoor te vermijden, zijn verschillende signaleringsoplossingen bedacht, waaronder ERTMS. Maar zo was het niet altijd. Aan het begin van de spoorwegen had de industrie dergelijke problemen niet. “In de 19e eeuw waren de treinen niet zo snel, hun snelheid was erg laag. De treinen waren niet zo groot en het was geen probleem om een ​​trein te stoppen, ‘legde Jean Rousseau uit. De situatie begon te veranderen naarmate de snelheid en het gewicht van de treinen toenamen. Als gevolg hiervan verscheen spoorwegsignalering. De eerste oplossing was om een ​​spoorlijn in blokken te splitsen. Daarom wordt het een bloksysteem genoemd. Jean Rousseau definieerde verschillende soorten bloksystemen – van systemen met een tijdschema tot automatische bloksystemen.

Geen consistentie in signalering

De verdere ontwikkeling van signalering in de Europese landen verliep afzonderlijk. Bijgevolg zijn er in heel Europa veel nationale signaleringssystemen. Jean Rousseau toonde de kaart die deze lappendeken aan  signaleringssystemen illustreert (zie de kaart hierboven). Deze situatie creëert extra obstakels voor spoorwegexploitanten omdat er geen consistentie is tussen de verschillende seinsystemen.

“Het positieve voorbeeld dat we meestal geven, gaat over de Thalys. Deze verbindt vier landen: Frankrijk, België, Duitsland en Nederland. In die landen zijn er zeven verschillende signaleringssystemen (VM, KVB, ATB, TBL, TBL2, INDUSI, LZB). Voor elk systeem is een ​​speciale interface nodig. Dat maakt het natuurlijk erg ingewikkeld. Daarom hebben we standaardisatie nodig”, Aldus Rousseau. En ERTMS is de standaard geworden voor de Europese spoorwegen om grensoverschrijdende interoperabiliteit te verbeteren.

ERTMS-apparatuur, bron: Jean Rousseau / IKOS

ERTMS-apparatuur

de rest van de cursus was gewijd aan ERTMS-apparatuur. Als een eenvoudige definitie van de nieuwe signaleringsstandaard wordt de volgende formule gebruikt: ERTMS = ETCS + GSM-R. Het eerste element zorgt als zodanig voor de treinbesturing, terwijl het laatste element verantwoordelijk is voor mobiele communicatie tijdens de treinrit. Het is echter een zeer vereenvoudigde benadering van ERTMS. In werkelijkheid is (zie de afbeelding hierboven), is de oplossing erg complex en bevat veel technische apparaten. Jean Rousseau benoemde drie soorten hardware die in ERTMS worden toegepast:

  • Boordapparatuur die GSM-R-radio en antenne omvat, EVC (European Vital Computer), DMI (Driver Man Interface), radar, accelerometer, eurobalise-antenne;
  • Baanapparatuur die bestaat uit RBC (Radio Block Center), eurobalise (of euroloop) en Lineside Encoder Units (LEU);
  • Handler van de nationale ATP klasse B (Specific Transmission Module (STM) en STM Reader).

GSM-R speelt een sleutelrol bij het verzenden van berichten en de positiegegevens van een trein die door de spoorbalises rijdt naar RBC. Daarom zal de volgende cursus van de RailTech Academy aan dit onderwerp worden gewijd. Op 22 april deelt Eildert van Dijken, Principal Consultant bij Strict, zijn kennis over GSM-R.

Wil je de online cursussen van de RailTech Academy volgen? Registreer dan via de volgende link.

Kennis delen met andere spoorprofessionals? Vul dan hier het formulier in.

U las zojuist één van uw gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Stap nu in en profiteer van de introductieaanbieding.

Bekijk de introductieaanbieding

Auteur: Mykola Zasiadko

Mykola Zasiadko is redacteur van RailTech.com, de internationale zusteruitgave van SpoorPro.nl.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.