Treinongeluk, machinist, Stavoren

BAM toch aansprakelijk voor schade treinongeval Stavoren

Aannemer BAM Infra Rail is door de rechtbank Midden-Nederland aansprakelijk gesteld voor de schade van een spoorongeval dat in 2010 plaatsvond in Stavoren. De aannemer wilde de schade verhalen op zijn toenmalige opdrachtgever ProRail, maar de rechter wees de vrijwaringsvordering af.

Een door BAM ingehuurde slijptrein van het Italiaanse Speno reed op 25 juli 2010 met hoge snelheid door het stootjuk aan het einde van het spoor bij Stavoren. Vervolgens is de slijptrein op een geparkeerde tankwagen gebotst en door een winkelpand gereden. Daarbij raakten twee personen van de bemanning licht gewond en werden de slijptrein, de spoorweginfrastructuur, de tankwagen en het winkelpand beschadigd.

De 60-jarige pilot-machinist uit Goor die betrokken was bij het treinongeval zou aanvankelijk worden vervolgd voor nalatigheid, maar in 2011 besloot het Openbaar Ministerie daar toch vanaf te zien. Van twee andere betrokkenen bij het ongeval, een Italiaanse machinist en een technicus, had het OM een jaar eerder al beslist dat ze niet vervolgd zouden worden. Aannemer BAM werd in 2018 veroordeeld tot het vergoeden van de schade van bijna 5,8 miljoen euro aan de verzekeraar van Speno. Die schade wilde de aannemer verhalen op zijn toenmalige opdrachtgever ProRail, maar deze vrijwaringsvordering in nu dus door de rechter afgewezen.

Afgeleid

Het ongeval is volgens de rechter veroorzaakt doordat de door BAM ingeschakelde pilot-machinist in het donker 95 kilometer per uur bleef rijden, terwijl hij wist dat hij het eindstation Stavoren naderde en dat de – met water zwaar beladen – slijptrein een aanzienlijke remweg had (800 tot 1000 meter). Daarnaast had hij zich op een cruciaal moment tijdens de rit laten afleiden, vermeldt het rechtbankverslag.

In september 2011 stelde de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) vast dat het ongeval werd veroorzaakt doordat de slijptrein bij nadering van het stootjuk te laat afremde omdat de machinist een sein (in de vorm van een keperbaken) niet opvolgde en het systeem van automatische treinbeïnvloeding (ATB) niet functioneerde.

Een verwijt van BAM dat ProRail borden en seinen had verwijderd die wel op de BVS-tekening stonden, werd door de rechter ongegrond verklaard. “Er bestond geen verplichting om maatregelen te nemen die dit ongeval hadden kunnen voorkomen. Evenmin heeft zij gehandeld in strijd met spoorregelgeving.” De rechtbank laat in het midden of ProRail een verwijt kan worden gemaakt van het feit dat de pilot-machinist uiteindelijk heeft gewerkt met een deels achterhaalde, en dus onjuiste, tekening.

Bekend met situatie

“Ook indien dat het geval is, is dat alleen relevant als dat (mede) een oorzaak was van het ongeval. Dat is naar het oordeel van de rechtbank niet gebleken.” Dat de tekeningen niet volledig waren, pleit de pilot-machinist niet vrij, oordeelde de rechter. In eerdere verklaringen had de machinist namelijk verteld goed bekend te zijn met het spoor richting Stavoren.

Naast de eerder genoemde 5,8 miljoen euro schadevergoeding aan de verzekeraar van Speno, wil ProRail nog 350.000 euro voor de door hen geleden schade op de aannemer verhalen. Dat bedrag is vastgesteld door een externe expert in opdracht van ProRail. Zowel BAM als de rechter willen het rapport hiervan eerst zien. Op basis hiervan doet de rechter op 30 oktober een definitieve uitspraak.

Lees ook:

.

Auteur: Paul van den Bogaard

Paul van den Bogaard is redacteur van SpoorPro.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.