Een goederentrein van DB Cargo in Tilburg

Europese studie naar risico composiet-remblokken voor goederenwagons

De European Union Agency for Railways (ERA) is een onderzoek gestart om de risico’s van LL-remblokken voor goederenwagons in kaart te brengen. ERA doet dit naar aanleiding van een gevaarlijk voorval in 2017 met een goederentrein met gevaarlijke stoffen in Breda. Daarbij waren dit type composiet-remblokken verbrand en werd het loopvlak van de wielen vervormd. Hoewel het incident met een sisser afliep, was er volgens ILT sprake van een verhoogd veiligheidsrisico.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft, naar aanleiding van de gebeurtenis in Breda en incidenten in Roosendaal en Kruiningen, de Europese Commissie en het Europese spoorwegbureau opgeroepen om nader onderzoek uit te voeren naar dit type composiet-remblokken.

Effecten

Volgens ILT bestaan er vraagtekens over de effecten van de LL-remblokken: “Doordat composiet isoleert, wordt de warmte tijdens het remmen niet goed afgevoerd. Dit heeft effect op het rijvlak van de wielen, waardoor deze kunnen gaan uitwalsen.” Volgens ILT zijn de gevolgen hiervan echter pas na maanden tot jaren zichtbaar. Het uitwalsen en vervormen wordt daarnaast ‘tijdens iedere vertrekcontrole door een wagencontroleur gecheckt’.

“Door de samenstelling van de composiet-remblokken vatten deze gemakkelijker vlam. Verder is er bij het incident in Breda een grote holslijtage van het loopvlak van de wielen ontstaan. Dit is het gevolg van de hoge temperaturen die optreden tijdens het remmen in het algemeen en bij Breda in het bijzonder door de slepende rem.”

Hoewel composiet-remblokken zijn toegelaten, verschilt het remgedrag ten opzichte van andere remblokken. Gietijzeren remblokken, ook G-blokken genoemd, hebben volgens ILT een ‘hogere wrijvingscoëfficient’ van onder de veertig kilometer per uur. LL-blokken hebben onder dezelfde snelheid een lagere wrijvingscoëfficient. Dat houdt in dat de machinist het laatste deel van de remweg forser moet remmen. K-blokken zijn ook van composiet en hebben een hogere wrijvingscoëfficient.

Tegenvaller

Dit is een fikse tegenvaller voor de spoorsector, omdat die in 2013 begon met het grootschalig vervangen van de remblokken door LL-remblokken. LL is de afkorting voor low noise, low friction. Deze remblokken werden destijds geïntroduceerd omdat deze voor een flinke geluidsreductie zorgen. DB Cargo heeft in 2013 en 2014 maar liefst vijfduizend wagons met deze remblokken uitgerust.

VTG is een van de ondernemingen in Nederland die zijn vloot momenteel moderniseert met de LL-remblokken. Het bedrijf is een proefproject gestart met een van zijn klanten, Evonik, om de bestaande wagens uit te rusten met LL-remblokken wat ook wielschrapen voorkomt. Het bedrijf erkent de voordelen van dit type rem, maar wijst ook op de relatief hogere slijtage van de wielset-schijf, wat leidt tot aanzienlijk hogere bedrijfskosten.

“Het voordeel is dat de innovatieve LL-remblokken in het algemeen de klassieke grijze gietijzeren blokken kunnen vervangen zonder dat er aanvullende aanpassingen aan de remmen nodig zijn. Maar nu blijkt dat de bedrijfskosten juist hoger worden, ongeacht of K- of LL-remblokken worden gebruikt “, verklaarde VTG tegenover vakblad RailFreight.com.

Werkgroep

Om de problemen met de remblokken het hoofd te bieden, heeft ERA de werkgroep Task Force Wagon Braking Systems opgericht. In die werkgroep zitten vertegenwoordigers van de branchepartijen en nationale veiligheidsautoriteiten voor het spoor, waaronder ILT. Doel van de werkgroep is de oorzaak en de ernst en de omvang van slepende composiet remblokken in kaart te brengen en te komen tot aanbevelingen om de problemen aan te pakken.

Lees ook:

DB Schenker voorziet goederenwagons van stillere remmen

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is redacteur van SpoorPro en adjunct-hoofdredacteur van de vakwebsites van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.