Herziening van gebruikersvergoeding voor het spoor

De vergoeding die spoorvervoerders betalen voor het gebruik van het spoor, wordt herzien. Europese regelgeving heeft bepaald dat ProRail de berekeningsmethodiek moet aanpassen. De verhoging van de gebruikersvergoeding voor 2016 en 2017 leidde eerder tot diverse rechtszaken. “Ik hecht eraan dat de herziene gebruiksvergoeding op transparante wijze en met draagvlak binnen de spoorsector tot stand komt. Stabiliteit en voorspelbaarheid van de tarieven is een gezamenlijk streven van alle betrokken partijen”, schrijft staatssecretaris Sharon Dijksma aan de Tweede Kamer.

Op dit moment worden de gebruiksgerelateerde kosten met de zogenoemde ‘vergoeding minimumtoegangspakket’ aan de spoorvervoerders doorberekend. De EU-richtlijn 2012/34 geeft de mogelijkheid om in aanvulling daarop mark-ups toe te passen voor de dekking van de kosten die door ProRail zijn gemaakt. Voorwaarde hierbij is volgens Dijksma ‘dat de markt deze kosten kan dragen’. Van volledige doorberekening van de kosten voor de infrastructuur is geen sprake, zo stelt zij.

Prijsprikkels

Naast de gebruiksvergoeding en de mark-ups biedt de EU-richtlijn ook de mogelijkheid tot het toepassen van heffingen, bijtellingen, kortingen en aftrek op het spoor. Dit zijn prijsprikkels waarmee het gedrag van spoorvervoerders kan worden beïnvloed om de prestaties op het spoor te verbeteren.

Daarbij komt er een prestatieregeling om spoorvoerders te stimuleren volgens het treinpad te rijden en om ProRail te stimuleren om dit mogelijk te maken. Verder komt er een bonusregeling om het gebruik van stille treinen te stimuleren. Verder dient een reserveringsheffing ervoor te zorgen dat spoorvervoerders treinpaden eerder teruggeven als zij deze niet gebruiken, zodat het spoor beter benut wordt.

Herziening gebruikersvergoeding

“Het doel van de herziening van de gebruiksvergoeding is om de gebruiksvergoeding transparanter te maken, de tarieven stabieler te maken en bij de spoorvervoerders meer draagvlak te creëren”, aldus Dijksma. De verhoging van de gebruikersvergoeding voor 2016 en 2017 leidden eerder al tot diverse rechtszaken.

ProRail en de spoorgoederenvervoerders zijn eind vorig jaar voor de dienstregelingsjaren 2016 en 2017 tarieven voor de gebruiksvergoeding overeen gekomen. Aan de vaststelling van deze tarieven ging behoorlijk wat getouwtrek aan vooraf. Dijksma wil dat er de gebruikersvergoeding en de rijksbijdrage straks beter beheersbaar wordt.

Spoorgoederenvervoerders

KNV Spoorgoederenvervoer is tevreden over dat aan de ‘roep om robuustheid, helderheid en stabiliteit’ bij het vaststellen van een nieuwe methodiek ‘gehoor is gegeven’. Het navolgen van het Duitse systeem was een andere belangrijke wens. Volgens de werkgeversvereniging moet de nieuwe methodiek vooral duidelijk en simpel zijn. Directeur Ad Toet: “Het voorgestelde systeem lijkt op het Duitse. En dat is gunstig, want op deze manier begrijpen onze klanten het ook.”

“De voorgestelde herziening geeft de overheid de verantwoordelijkheid om vooraf te onderzoeken wat de markt aankan. Het vereist onderzoek naar hoe marktsegmenten en klanten zullen reageren op prijsvariaties voor het spoorgebruik. Dat proces verdient grondige onderbouwing.” Over de voorgestelde prijsprikkels is Toet terughoudend: “Laten we eerst zorgen dat we de hoofdzaken op orde hebben, voordat we gaan experimenteren met prijsprikkels.”

Berekeningsmethodiek

Het komende jaar past ProRail de berekeningsmethodiek voor de VMT aan EU-verordening 2015/909 aan. Uiterlijk 31 maart 2017 moet ProRail de nieuwe methodiek voor goedkeuring aan ACM aanbieden. De nieuwe methodiek, de mark-ups en de prijsprikkels zullen naar verwachting vanaf het dienstregelingsjaar 2019 worden toegepast.

Marieke van Gompel

Lees ook:

Auteur: Marieke van Gompel

Marieke van Gompel is redacteur van SpoorPro en algemeen hoofdredacteur van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.