Stefan Schenk, RailTech Conference, SBB, Track Access Charges

‘Spoorroute met bochten duurder door Zwitsers tariefsysteem’

Het nieuwe Zwitserse systeem voor de berekening van de gebruikersvergoeding voor het spoor, dat is gebaseerd op slijtage die de voertuigen veroorzaken, zal vanaf de start op 1 januari 2017 nog niet perfect zijn. Maar het is een grote stap in de juiste richting. Zo omschreef Stefan Schenk, hoofd Contracten en Verkoop Treinpaden bij de Zwitserse spoorwegen SBB, het nieuwe systeem voor de spoortarieven, tijdens de Track Access Charges Summit onlangs in Bern tijdens de sessie: Wear Based Verhicle Charging. Dat RailTech-congres werd georganiseerd door ProMedia Europoint, zusterbedrijf van SpoorPro.

Tot nu toe werd de prijs die vervoerders betalen om gebruik te maken van het spoor vooral bepaald door het gewicht. Maar straks heeft ieder type voertuig zijn eigen prijs, gebaseerd op de slijtage die dit type voertuig veroorzaakt aan het spoor.

Database

“Het nieuwe tariefsysteem ziet er simpel uit. Maar als er dagelijks 9.000 treinen over je netwerk rijden, moet je zeker weten dat de informatie in de database correct is”, legde Schenk uit.

Ook wordt specifiek gekeken naar de échte slijtage per rit. Een route met veel bochten wordt daardoor duurder dan een route die vooral ‘rechtdoor’ gaat. “Bochten gaan geld kosten”, vertelde Schenk. “Gaat de route vooral rechtdoor, dan is snelheid weer in hoge mate bepalend voor de prijs.”

Treinbouwers

Het nieuwe systeem in Zwitserland zorgt ervoor dat de treinbouwers gestimuleerd worden om met slijtage rekening te houden in het ontwerp. “We vinden het fijn dat de inzet van voertuigen die weinig schade toebrengen aan het spoor beloond wordt”, zei Richard Schneider, vice-president Onderzoek en Ontwikkeling bij Bombardier Transportation.

“We verwachten dat deze ontwikkeling innovatie bevordert en dat er onderscheid komt tussen de verschillende voertuigen. Er zijn namelijk veel parameters in een trein die aangepast kunnen worden. Een van de eenvoudigste is om de afstand tussen de assen te wijzigen. Dat heeft grote invloed op de slijtage die een trein veroorzaakt.”

Kritiek

Tijdens de conferentie werden overigens wel enkele kritische noten gekraakt over het nieuwe Zwitserse rekensysteem. Zo zijn niet alle vervoerders voorstander, omdat zij niet altijd invloed hebben in de slijtage van hun transporten. Maar wel verantwoordelijk zijn voor de kosten.

“Wij bepalen niet altijd wat voor wagons we trekken. Een spoorwegonderneming heeft dus niet altijd invloed op de goederentreinen”, vertelde Alfred Pitnik, hoofd International Affairs bij Rail Cargo Group. “Een wagonbeheerder heeft vaak meer invloed. Als een gedeelte van een transport wel is uitgerust met geluiddempende maatregelen en een deel niet, dan hoor je in de praktijk geen verschil. Maar het scheelt wel in de kosten.”

Transporteurs

Een ander probleem voor de transporteurs is dat een trein ongeveer 30 tot 40 jaar meegaat. Maar de tariefsystemen voor het spoor veranderen veel vaker. “We lopen dus altijd flink achter. Dat bezorgt ons wel eens hoofdpijn”, zei Pitnik. “Ook zijn we onzeker over de implementatie in de verschillende EU-lidstaten. Want iedereen doet het weer anders.”

Overigens doet Zwitserland het wel het beste in de ogen van Rail Cargo Group. “Als iedereen het op die manier zou doen, dan zou dat veel veranderen in de sector. Maar helaas is dat niet het geval. Een business case voor dit nieuwe systeem is er in ieder geval nog niet. Want we kunnen de extra kosten die dit systeem met zich meebrengt niet doorberekenen aan de klant. De prijs kent immers het plafond van de kosten van een wegtransport.”

Spoorsector

De spoorsector mag namelijk niet duurder zijn dan een vrachtauto, want dan wordt markt volledig verloren. Pitnik: “Terwijl we tien procent bijdragen aan de kosten van de spoorrails. En de wegtransporteurs slechts 0,9 procent bijdragen in de kosten van het wegbeheer. Dat geeft grote problemen om onze concurrentiepositie in stand te houden. En goederentreinen die weinig slijtage veroorzaken, zijn vaak duur vanwege de technische aanpassingen.”

Toch zijn betere treinen noodzakelijk om de kosten van spooronderhoud in toom te houden, vertelde Juan Melendez, Director of Transport and Energy Division van het wetenschappelijk EU-onderzoeksbureau CEIT, uit. “Het gebruik van het spoor neemt toe, de beschadiging van het spoor daarmee ook.” Volgens hem is het heel belangrijk dat de overheden nú investeren in de kwaliteit van het spoor. “Vanwege de lage rente zijn de toekomstige kostenbesparingen extra belangrijk voor de life cycle costs.”

Bart Pals

Lees ook:

De Track Access Charges Summit in Bern werd op 12 april georganiseerd door RailTech.com. Het eerstvolgende railevenement dat op de agenda staat is de Global Rail Freight Conference op 22 en 23 juni in Rotterdam. Bezoek de website voor meer informatie: http://www.grfc2016.com/

Auteur: Bart Pals

Bart Pals is hoofdredacteur van Nieuwsblad Transport, een zusteruitgave van SpoorPro.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.